Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2

Artikel 2.5.

Hoogte bijzondere bijstand

Onderdeel van Beleidsregels bijzondere bijstand 2015 Stede Broec

De hoogte van de te verlenen bijzondere bijstand wordt (individueel) bepaald door de hoogte van de noodzakelijke kosten. Daarbij geldt als uitgangspunt dat, wanneer ter zake van bepaalde kosten meerdere (adequate) voorzieningen mogelijk zijn, voor de goedkoopste voorziening moet worden gekozen. Daarom kan worden volstaan met een vergoeding ter hoogte van de goedkoopst adequate voorziening . Voor reis- of vervoerskosten betekent dit dat in het algemeen vergoeding op basis van het goedkoopste openbaar vervoer toereikend is. Bij de verlening van bijzondere bijstand voor bijzondere kosten is vaak behoefte aan richtprijzen voor het vaststellen van de hoogte van de bijzondere bijstand. Het college komt bij de verlening van bijzondere bijstand de beleidsvrijheid toe richtprijzen als uitgangspunt voor de hoogte van de bijstand te nemen. De volgende bronnen kunnen als uitgangspunt dienen voor de vaststelling van de noodzakelijke hoogte van de te verstrekken bijzondere bijstand de NIBUD-Prijzengids de Wet IB 2001 de Regeling zorgverzekering

Rechtspraak bij dit artikel