**1..** Een lid, de burgemeester, een wethouder en de secretaris spreken vanaf hun plaats of van de spreekplaats en richten zich tot de voorzitter. Ook de voorzitter spreekt van diens plaats.
**2..** Bij bijzondere gelegenheden kan de voorzitter bepalen dat de in het eerste lid genoemde personen vanaf een andere plaats spreken.
HOOFDSTUK 4 › Paragraaf 2
Artikel 4.2.5
Spreekregels
Onderdeel van Verordening op de raadscommissies 2004 met de daarbij behorende toelichting