De regeling kan worden opgeheven bij een daartoe strekkende beslissing van de raden van ten minste twee derde van de deelnemende gemeenten.
Een besluit als bedoeld in het eerste lid kan niet worden genomen dan nadat het Algemeen Bestuur daarover is gehoord.
Ingeval van opheffing van de regeling stelt het Algemeen Bestuur de daarvoor noodzakelijke regels op vastgelegd in een liquidatieplan.
Het liquidatieplan wordt door het Algemeen Bestuur, de raden van de deelnemende gemeenten gehoord hebbende, vastgesteld.
Het liquidatieplan voorziet in de verplichtingen van de deelnemende gemeenten tot deelneming in de financiële en andere gevolgen van de opheffing en het vereffenen van alle schulden van de regeling.
Het liquidatieplan voorziet in de gevolgen die de opheffing heeft voor het personeel.
Het Dagelijks Bestuur is belast met de uitvoering van het liquidatieplan.
Van elk besluit tot opheffing zorgt het gemeentebestuur van de gemeente Waalwijk voor bekendmaking overeenkomstig artikel 47 van deze Regeling.
De organen van de gemeenschappelijke regeling blijven ook na het tijdstip van opheffing in functie totdat de opheffing is voltooid conform artikel 9 lid 3 van de Wet gemeenschappelijke regelingen.
Hoofdstuk 14:
Artikel 43:
Opheffing en liquidatie
Onderdeel van Gemeenschappelijke Regeling Uitvoeringsorganisatie Baanbrekers