Naar hoofdinhoud
5.1. Tussentijdse rapportages De tussentijdse rapportages hebben als uitgangspunt dat de indeling van de begroting wordt gevolgd. Het college informeert de raad door middel van twee tussentijdse Bestuursrapportages over de realisatie van de begroting. Zowel over de doelen als de besteding van de middelen. Deze rapportages betreffen in ieder geval: Afwijkingen op inhoud en tijdsaspect op hoofdlijnen ten opzichte van de vastgestelde beleidsinhoudelijke en financiële aspecten van de begroting. In de tweede Bestuursrapportage wordt een prognose van het jaarrekeningresultaat opgenomen; Een nadere toelichting op de opgetreden veranderingen in de risicopositie van de gemeente; De beantwoording van de specifieke vragen en aandachtspunten van de gemeenteraad. Tussentijdse informatie over bijzondere omstandigheden Indien hier aanleiding toe is informeert het college actief over spoedeisende gewijzigde omstandigheden met een financiële impact. 5.2. Jaarstukken Het college draagt zorg voor het verzamelen en vastleggen van gegevens over de geleverde prestaties en de maatschappelijke effecten zodat de doelmatigheid en doeltreffendheid van het beleid, zoals vastgesteld door de raad, kunnen worden getoetst. Voorafgaand aan het vaststellen van de jaarstukken legt het college de raad, indien nodig, een verschoningsbesluit voor. Gelijktijdig met het aanbieden van de jaarstukken biedt het college de raad het voorstel aan over de bestemming van het jaarrekeningresultaat. Vooruitlopend op het voorstel over het jaarrekeningresultaat kan het college de raad voorstellen om restantmiddelen op onderdelen van het rekeningresultaat over te hevelen naar het volgend begrotingsjaar.

Rechtspraak bij dit artikel