**1..** In afwijking van het bepaalde in artikel 32 van deze verordening
wordt een verlaging van de uitkering opgelegd van 100% gedurende één
maand, indien belanghebbende geen beroep meer kan doen op een
passende en toereikende voorliggende voorziening, omdat deze
volledig wordt verrekend met een bestuurlijke boete, gerekend vanaf
de start van de verrekening.
**2..** In afwijking van het bepaalde in artikel 32 van deze verordening
wordt, indien een belanghebbende voor de aanvang van de uitkering
algemeen geaccepteerde arbeid verwijtbaar niet heeft behouden,
waardoor hij in bijstandsbehoeftige omstandigheden is geraakt, een
verlaging toegepast gedurende een maand.
**3..** De verlaging, zoals bedoeld in lid 2, wordt vastgesteld op de hoogte
van het netto inkomen inclusief vakantietoeslag, maar bedraagt
maximaal 100% van de van toepassing zijnde bijstandsnorm.
**4..** Het inkomen, zoals bedoeld in lid 3, wordt in beginsel berekend op
basis van het laatst ontvangen loon gedurende een gehele maand.
Indien het een wisselend inkomen betreft, dan wordt de hoogte
vastgesteld op basis van het gemiddelde maandinkomen gedurende de
drie maanden voorafgaand aan het moment waarop de
bijstandsbehoeftige omstandigheden aanvingen.
§ 3.2.3
Artikel 33
Verlies van een passende en toereikende voorliggende voorziening wegens recidiveboete
Onderdeel van Verzamelverordening Participatiewet, IOAW, IOAZ en Bbz gemeente Oisterwijk 2016