Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 2 › Paragraaf 2.4

Artikel 15

Artikel 15

Onderdeel van VERORDENING VOORZIENINGEN HUISVESTING ONDERWIJS GEMEENTE OEGSTGEEST 2009

Overleg wijze van uitvoering Binnen acht weken nadat het besluit van het college over de vaststelling van het programma aan de bevoegde gezagsorganen bekend is gemaakt, treden het college en de aanvrager in overleg over de wijze van uitvoering van de in het programma opgenomen voorziening, indien hierom door een of beide partijen wordt verzocht. In dit overleg wordt alle informatie verstrekt die nodig is voor de uitvoering van de voorziening. Daarbij worden, voor zover van toepassing, afspraken gemaakt over: de locatie waar de voorzieningen gerealiseerd worden; het bouwheerschap als bedoeld in de Wet op het primair onderwijs, de Wet op de expertisecentra en de Wet op het voorgezet onderwijs; het tijdstip van indiening van het bouwplan en de begroting door de aanvrager; een andere wijze van uitvoering van het besluit met inachtneming van het beschikbaar te stellen bedrag; de wijze waarop het college toepassing geeft aan de toetsing van het bouwplan en de begroting, alsmede aan de toetsing in verband met wettelijke voorschriften en nieuwe feiten en omstandigheden als bedoeld in artikel 16; de controle op en het afleggen van verantwoording over de besteding van de beschikbaar te stellen middelen. De aanvrager geeft in dit overleg in ieder geval aan op welke wijze de aanbesteding van de uitvoering zal plaatsvinden. Daarbij worden, voor zover van toepassing gezien de aard van de voorziening, de gestelde richtlijnen als bedoeld in bijlage IV, deel B in acht genomen. De inhoud van de afspraken of de constatering dat het overleg niet tot overeenstemming heeft geleid, legt het college schriftelijk vast in een verslag, dat het binnen vier weken na het overleg ter kennis van de aanvrager brengt. Indien de aanvrager schriftelijk instemt met het verslag of binnen twee weken na ontvangst nog niet schriftelijk heeft gereageerd, wordt, afhankelijk van de inhoud van het vastgestelde verslag, geacht overeenstemming of geen overeenstemming te zijn bereikt. Indien toepassing wordt gegeven aan het bepaalde in artikel 16, vierde lid, neemt het college binnen vier weken nadat de overeenstemming als bedoeld in het derde lid is bereikt, een beslissing over het tijdstip waarop de bekostiging een aanvang kan nemen. Het bepaalde in artikel 17 is daarbij van overeenkomstige toepassing. Indien in het overleg geen overeenstemming als bedoeld in het derde lid is bereikt, deelt het college binnen vier weken nadat het verslag is vastgesteld dit schriftelijk mee aan de aanvrager. Daarbij wordt aangegeven dat de bekostiging van de uitvoering van de voorziening geen aanvang zal nemen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel