Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 2.9

Toets bouwplan, wettelijke voorschriften en nieuwe feiten en omstandigheden

Onderdeel van Verordening huisvestingsvoorzieningen onderwijs Amsterdam 2016

1. Nadat de afspraken als bedoeld in artikel 2.8, eerste lid zijn gemaakt, legt de aanvrager het bouwplan met inachtneming van de hierover gemaakte afspraken ter instemming aan het college voor. 2. Binnen zes weken na ontvangst beslist het college over het bouwplan en of het bouwplan kan worden aanbesteed. Het college kan onder mededeling daarvan aan de aanvrager, deze termijn verlengen met drie weken; 3. Het college beslist na de gevolgde aanbestedingsprocedure met ingang van welk tijdstip de bekostiging van de voorziening een aanvang kan nemen; 4. Bij het besluit als bedoeld in het derde lid toetst het college eveneens of de feiten en omstandigheden waarin de school verkeert zijn gewijzigd ten opzichte van de feiten en omstandigheden ten tijde van de vaststelling van het programma. Indien naar het oordeel van het college de feiten en omstandigheden ingrijpend zijn gewijzigd, deelt het college dit schriftelijk mee aan het betreffende bevoegd gezag. Het college kan besluiten dat de voorziening alsnog geheel of gedeeltelijk niet voor bekostiging in aanmerking komt. Daarbij trekt het college de beschikking op het programma in; 5. De toetsing kan achterwege blijven, als deze naar het oordeel van het college niet nodig is gezien de inhoud van de in het programma opgenomen voorziening. Het college deelt dit schriftelijk mee aan de aanvrager.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel