Naar hoofdinhoud
1.. De verlaging wordt opgelegd zodra het besluit tot het opleggen van de verlaging aan belanghebbende is bekendgemaakt, voor zover de ingangsdatum daardoor niet voor de datum van de gedraging komt te liggen. Daarbij wordt uitgegaan van de voor belanghebbende geldende bijstandsnorm ten tijde van de gedraging. 2.. In afwijking van het eerste lid kan de verlaging met terugwerkende kracht worden opgelegd, voor zover de ingangsdatum van de verlaging daardoor niet voor de datum van de gedraging komt te liggen. Daarbij wordt uitgegaan van de voor belanghebbende geldende bijstandsnorm ten tijde van de gedraging. 3.. Als de verlaging niet kan worden opgelegd omdat de uitkering inmiddels is beëindigd, wordt de verlaging alsnog gerealiseerd over de periode waarin de verwijtbare gedraging heeft plaatsgevonden, voor zover de ingangsdatum daardoor niet voor de datum van de gedraging komt te liggen. 4.. Als de verlaging niet kan worden geëffectueerd met toepassing van het eerste, tweede of derde lid, vindt realisatie plaats door verlaging van de bijstandsnorm als aan belanghebbende opnieuw binnen 12 maanden recht op bijstand wordt verleend. 5.. Als de verlaging slechts gedeeltelijk kan worden geëffectueerd, wordt de verlaging met toepassing van het eerste, tweede of derde lid gedeeltelijk geëffectueerd. Het restant van de verlaging wordt niet geëffectueerd.

Rechtspraak bij dit artikel