**1..** De verlaging als bedoeld in artikel 26 van de WWB bedraagt 10 procent van de gehuwdennorm voor gehuwden in wiens woning één of meer anderen hun hoofdverblijf hebben en die derhalve de noodzakelijke kosten van het bestaan kunnen delen.
**2..** In afwijking van het eerste lid bedraagt de verlaging als bedoeld in artikel 26 van de WWB 15 procent van de gehuwdennorm voor de gehuwden, die inwonend zijn bij of inwoning hebben van een familielid in de eerste graad bloedverwantschap en die derhalve de noodzakelijke kosten van het bestaan kunnen delen.
**3..** Het vierde lid van artikel 3 is van overeenkomstige toepassing.