**1..** Bijzondere bijstand is in principe mogelijk als:
geen beroep kan worden gedaan op ondersteuning vanuit een eigen netwerk, eigen sociale omgeving of voorliggende voorzieningen en de belanghebbende daarin voldoende eigen verantwoordelijkheid heeft getoond;
geen sprake is van financiële draagkracht in inkomen en bescheiden vermogen;
sprake is van noodzakelijke kosten door bijzondere individuele om- standigheden;
een (wettelijke) voorliggende voorziening ontbreekt;
maatwerk geboden is in het individuele geval.
**2..** In geval van tekortschietend besef van eigen verantwoordelijkheid kan de gevraagde bijstand gedeeltelijk of volledig worden geweigerd.
**3..** Voordat maatwerk geboden is, is het genoemde in het eerste lid, sub a tot en met d, in beschouwing genomen.
**4..** Bij het vaststellen van het bedrag van de bijzondere noodzakelijke kosten wordt aangesloten bij normbedragen zoals opgenomen in de gemeentelij- ke Financiële Uitvoeringsrichtlijnen.
**5..** Indien het bedrag niet is opgenomen in de gemeentelijke Financiële Uitvoe- ringsrichtlijnen gelden de bedragen van de Prijzengids van Nibud tot 70% als maximale bedragen.
**6..** Op de verstrekking van de bijzondere noodzakelijke kosten, worden altijd de kosten die voor een ieder algemeen gebruikelijk zijn, in mindering ge- bracht.
**7..** De individuele inkomenstoeslag van artikel 36 van de wet, de individuele studietoeslag van artikel 36b van de wet en de seniorentoeslag van artikel 13 van deze beleidsregels, worden bij de beoordeling van de bijzondere noodzaak en de hoogte van de bijzondere bijstand buiten beschouwing ge- laten.
Hoofdstuk I
Artikel 2