De burgemeester treedt in beginsel handhavend op tegen de verkoop van drugs, tenzij dit in een vergunde coffeeshop gebeurt. Deze coffeeshops moeten zich houden aan de in paragraaf 2.1 genoemde AHOJGI+-criteria, aangevuld met onderstaande gemeentelijke criteria:
de coffeeshop mag niet gelegen zijn binnen een straal van 200 meter loopafstand van een school voor primair onderwijs, een school voor voortgezet onderwijs instelling, een school voor middelbaar beroepsonderwijs instelling, andere coffeeshops, jeugd- en jongereninstellingen en centra voor verslavingszorg;
in de coffeeshop wordt aandacht gegeven worden aan voorlichting en preventie, onder meer door het aanbieden van voorlichtingsfolders;
medewerkers van de coffeeshop die als houder op de exploitatievergunning worden bijgeschreven, moeten in het bezit zijn van een certificaat van een cursus Preventie Coffeeshopmedewerker uit de regio Rotterdam. Als zij op het moment van bijschrijven niet in het bezit zijn het certificaat, wordt als voorwaarde in de exploitatievergunning opgenomen dat zij het certificaat bij de eerstvolgende te geven cursus moeten behalen;
om transparantie over de eigendomsrechten van de coffeeshop te waarborgen en daarmee verwevenheid met criminaliteit tegen te gaan, is als rechtsvorm voor de coffeeshop alleen de eenmanszaak of de venootschap onder firma (bestaande uit natuurlijke personen) toegestaan. Een besloten vennootschap (BV) of naamloze vennootschap (NV) is niet toegestaan. Bestaande coffeeshops die een BV of NV als rechtsvorm hebben, kunnen ongewijzigd doorgaan met de exploitatie van de coffeeshop zolang er geen nieuwe vennoten aantreden binnen de BV of NV.
Hoofdstuk 2.
Artikel 2.2
Gemeentelijke gedoogcriteria
Onderdeel van Coffeeshopbeleid Schiedam 2014 – 2018