In deze verordening wordt verstaan onder:
medewerking: medewerking van de gemeente als bedoeld in lid 1 van artikel 42 van de Wet op de Ruimtelijke Ordening aan het in exploitatie brengen van gronden in het exploitatiegebied;
exploitatiegebied: een als zodanig door de gemeenteraad aangewezen gebied, dat gebaat is door de aanleg van voorzieningen van openbaar nut;
voorzieningen van openbaar nut, waardoor de in het exploitatiegebied gelegen onroerende zaken gebaat worden: onder meer:
riolering, met inbegrip van bijbehorende werken;
wegen, parkeergelegenheden, pleinen, trottoirs, voet- en rijwielpaden, straatmeubilair, waterpartijen, watergangen, bruggen, tunnels en andere rechtstreeks met de aanleg en inrichting van deze voorzieningen en kunstwerken verband houdende werken;
plantsoenen en andere groenvoorzieningen, waaronder begrepen de aanleg en inrichting van openbare speelplaatsen en speelweiden alsmede de sierende elementen welke rechtstreeks voortvloeien uit een juiste uitvoering van een verzorgd bestemmingsplan;
openbare verlichting en brandkranen met de nodige aansluitingen;
waterhuishoudkundige voorzieningen, met inbegrip van drainagevoorzieningen;