De gemeente brengt alle kosten als bedoeld in artikel 42 van de Wet op de Ruimtelijke Ordening ten laste van de gronden in het exploitatiegebied, tenzij de gemeenteraad bij aanwijzing van een exploitatiegebied anders besluit. Onder deze kosten wordt mede begrepen:
de inbrengwaarde van alle binnen het exploitatiegebied gelegen gronden, zijnde:
de waarde van de grond;
de waarde van de opstallen die in verband met de exploitatie van de gronden niet gehandhaafd kunnen worden;
de kosten van het vrijmaken van de gronden van persoonlijke rechten en lasten, eigendom, bezit of beperkt recht en zakelijke lasten;
de kosten van sloop, verwijdering en verplaatsing van opstallen, obstakels, funderingen, kabels en leidingen;
de kosten van het verrichten van onderzoek, waaronder in ieder geval begrepen grondmechanisch en milieukundig bodemonderzoek, akoestisch onderzoek, ander milieukundig onderzoek en archeologisch onderzoek;
de kosten van bodemsanering, het dempen van oppervlaktewateren, het verrichten van grondwerken, met inbegrip van het egaliseren, ophogen en afgraven;
de kosten van de aanleg van voorzieningen binnen een exploitatiegebied;
de kosten van de aanleg van voorzieningen en van werkzaamheden buiten het exploitatiegebied, met inbegrip van de inbrengwaarde van de daartoe benodigde gronden, bedoeld onder 1, waaronder mede begrepen de kosten van de noodzakelijke compensatie van in het exploitatiegebied verloren gegane natuurwaarden, groenvoorzieningen en watervoorzieningen;
de kosten van maatregelen, plannen, besluiten en rechtshandelingen met betrekking tot gronden, opstallen, activiteiten en rechten buiten het gebied, waaronder mede begrepen het beperken van milieuhygiënische en externe veiligheidscontouren;
de kosten van andere voorzieningen en werken, dan bedoeld onder 1 tot en met 6, voorzover deze noodzakelijk zijn in verband met het in exploitatie brengen van gronden die in de naaste toekomst voor bebouwing in aanmerking komen;
de kosten van voorbereiding, ontwikkeling, beheer en toezicht verband houdende met de aanleg van de voorzieningen en werken, bedoeld onder 1 tot en met 7;
de kosten van het opstellen van gemeentelijke ruimtelijke plannen ten behoeve van het exploitatiegebied;
de kosten van andere door het gemeentelijk apparaat te verrichten werkzaamheden en te nemen maatregelen, voorzover deze werkzaamheden en maatregelen rechtstreeks verband houden met de in dit besluit bedoelde voorzieningen, maatregelen en werkzaamheden;
de kosten van tijdelijk beheer van de door of vanwege de gemeente verworven gronden, verminderd met de uit tijdelijk beheer te verwachten opbrengsten;
de kosten van schadevergoedingen bedoeld in artikel 49 van de wet op de Ruimtelijke Ordening;
kosten van de aanleg van voorzieningen die aan de gemeente door een hogere overheid worden opgelegd, voor zover deze kosten niet via gebruikstarieven kunnen worden gedekt;
niet-terugvorderbare BTW, niet-gecompenseerde compensabele BTW,of andere niet-terugvorderbare belastingen, over de kostenelementen, genoemd onder 1 tot en met 13;
rente van geïnvesteerde kapitalen en overige lasten, verminderd met renteopbrengsten.
overige kosten, die in beginsel ten laste van de grondexploitatie behoren te worden gebracht, bijvoorbeeld de bijdrage in het fonds Dorpsuitleg.
(voorzieningen)
Tot de voorzieningen, bedoeld bij de kosten, onder 4 en 5 worden gerekend:
riolering met inbegrip van bijbehorende werken en bouwwerken;
wegen, ongebouwde openbare parkeergelegenheden, pleinen, trottoirs, voet- en rijwielpaden, waterpartijen, watergangen, voorzieningen ten behoeve van de waterhuishouding, bruggen, tunnels, duikers, kades, steigers, en andere rechtstreeks met de aanleg van deze voorzieningen verband houdende werken en bouwwerken;
groenvoorzieningen, waaronder begrepen openbare parken, plantsoenen, speelplaatsen, trapvelden en speelweiden, en natuurvoorzieningen;
openbare verlichting en brandkranen met de nodige aansluitingen;
straatmeubilair, speeltoestellen, sierende elementen en afrasteringen in de openbare ruimte;
nutsvoorzieningen met bijbehorende werken en bouwwerken, voor zover de aanlegkosten niet via de verbruikstarieven kunnen worden gedekt en bij de gemeente in rekening worden gebracht;
infrastructuur voor openbaar vervoervoorzieningen met bijbehorende werken en bouwwerken , voor zover de aanlegkosten niet via de gebruikstarieven kunnen worden gedekt en bij de gemeente in rekening worden gebracht;
gebouwde parkeervoorzieningen, voor zover deze leiden tot optimalisering van het grondgebruik en verbetering van de kwaliteit van de openbare ruimte, openbaar toegankelijk zijn en voornamelijk worden gebruikt door bewoners en gebruikers van het exploitatiegebied, voor zover de aanlegkosten niet via gebruikstarieven worden gedekt en bij de gemeente in rekening worden gebracht;
uit milieuhygiënisch, archeologisch (bijvoorbeeld opgraving) of volksgezondheidsoogpunt noodzakelijke voorzieningen.