Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2

Artikel 2.1

Afwegingskader maatregelen

Onderdeel van Geluidsnota Amersfoort Wet geluidhinder

Het verlenen van een ontheffing is geen automatisme. Een ontheffing wordt alleen verleend als wordt voldaan aan de criteria volgens artikel 110a [2] van de Wet geluidhinder en de geluidsbelasting redelijkerwijs niet verder kan worden teruggebracht door het treffen van maatregelen. Hiervoor wordt de onderstaande voorkeursvolgorde gehanteerd: Maatregelen aan de bron Te denken valt aan het toepassen van een stiller wegdek, snelheidsverlaging, slimme verkeerscirculatie en dergelijke. Bronmaatregelen zijn kostbaar en worden daarom in beginsel alleen in de volgende situaties overwogen: Bij realisatie van meer dan 20 respectievelijk 50 woningen of andere geluidsgevoelige bestemmingen [3] waarvan de voorkeursgrenswaarde voor wegverkeerslawaai respectievelijk railverkeerslawaai wordt overschreden; Bij de aanleg van een nieuwe weg of de reconstructie van een bestaande weg. Bronmaatregelen worden niet overwogen in onder andere de volgende (meest voorkomende) situaties: Bij een ontheffing voor de realisatie van minder dan 20 (wegverkeer) respectievelijk 50 (railverkeer) woningen of andere geluidsgevoelige bestemmingen; Bij een ontheffing voor industrielawaai. Maatregelen zijn in dat verband al afgewogen in het kader van de zonering en sanering van het industrieterrein. Bovendien is enige flexibiliteit in het geluidsbeheer van het industrieterrein (zonebeheer) vereist. Voor toepassing van een stiller wegdek wordt de beslisboom gebruikt zoals omschreven in paragraaf 2.2. Maatregelen in het gebied tussen de bron en de ontvanger Te denken valt aan het realiseren van een geluidsscherm of -wal, vergroten van de afstand tussen de bron en de ontvanger en een akoestisch gunstiger stedenbouwkundige verkaveling (zoals realisatie van niet geluidsgevoelige gebouwen als afscherming van geluidsgevoelige bestemmingen). Realisatie van een geluidsscherm of –wal in een binnenstedelijke situatie stuit vaak op stedenbouwkundige bezwaren. Daarom worden deze maatregelen in beginsel enkel onderzocht bij de gemeentelijke hoofdwegen en niet bij lagere orde wegen. Maatregelen bij de ontvanger Te denken valt aan het zorgen voor voldoende geluidsisolatie. Bij de realisatie, verbouw of transformatie van gebouwen kan ook worden gedacht aan een akoestisch gunstige indeling van de woning, het toepassen van geheel gesloten gevels (zogenaamde dove gevels) en het realiseren van geluidsluwe geveldelen. Indien, ten behoeve van de nieuwbouw van een geluidsgevoelige bestemming, bronmaatregelen of afschermende maatregelen zijn voorzien, dienen deze te zijn gerealiseerd voordat de geluidsgevoelige bestemming in gebruik genomen wordt. [2] Een ontheffing kan enkel worden verleend indien toepassing van maatregelen, gericht op het terugbrengen van de geluidsbelasting vanwege het industrieterrein, de weg of spoorweg, van de gevel van de betrokken woningen of andere geluidsgevoelige gebouwen onderscheidenlijk aan de grens van de betrokken geluidsgevoelige terreinen tot de ten voorkeursgrenswaarde onvoldoende doeltreffend zal zijn dan wel overwegende bezwaren ontmoet van stedenbouwkundige, verkeerskundige, vervoerskundige, landschappelijke of financiële aard. [3] Hierbij wordt, in overeenstemming met artikel 5 van de “Regeling Doelmatigheid Geluidmaatregelen”, vijftien strekkende meter andere geluidsgevoelige bestemming per bouwlaag gelijkgesteld aan één woning.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel