**1..** De berekening van de subsidieregeling peuteropvang vindt plaats op basis
van het volledig ingevulde aanvraagformulier zoals omschreven in Artikel
5, lid 1. In de bijlage bij dit formulier staat zowel de
subsidieregeling peuteropvang, als de inkomensafhankelijke ouderbijdrage
aangegeven.
**2..** De subsidieregeling peuteropvang voor de 2 reguliere dagdelen wordt met
een maximum van 6 uren per week en met een maximum van 40 weken per
kalenderjaar verleend.
**3..** De berekening van de ouderbijdrage vindt plaats op basis van de
adviestabel peuterwerk van de VNG. Deze is gebaseerd op het maximum
uurtarief van de kinderopvangtoeslag zoals bepaald door de
Belastingdienst en bevat 7 inkomensschalen.
Dit tarief wordt jaarlijks geïndexeerd en zal ieder jaar op de website
van de gemeente Heerenveen worden gepubliceerd.
**4..** In oktober van elk kalenderjaar vindt een toetsing plaats van het
niet-recht op kinderopvangtoeslag en wordt de inschaling op basis van de
inkomensverklaring (van het voorgaande jaar) vastgesteld en de subsidie
toegekend voor het opvolgende jaar.
Of ingeval van ondernemers op basis van de meest recente aanslag
inkomstenbelasting.
**5..** De hoogte van de subsidieregeling peuteropvang en de ouderbijdrage per
maand wordt bepaald door:
De eigen (ouder)bijdrage per uur vast te stellen aan de hand van
de inkomenscategorie uit de adviestabel.
Het maximum uurtarief te verminderen met de eigen bijdrage. Dit
levert het subsidiebedrag per uur op.
Het aantal uren peuteropvang per week vermenigvuldigen met het
subsidiebedrag per uur x 40 weken. Dit is het jaarbedrag van de
subsidieregeling peuteropvang.
Het jaarbedrag delen door 12 maanden. Dit is het subsidiebedrag
wat maandelijks toegekend wordt aan de ouder(s) en aan de
aanbieder uitbetaald wordt.
Artikel 8
Berekening van de subsidieregeling peuteropvang: verdeelcriteria en regels
Onderdeel van Nadere Regel ‘Subsidieregeling peuteropvang gemeente Heerenveen 2016’