Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 7

Toelating nieuwe raadsleden

Onderdeel van Verordening werkwijze van de raad en de raadscommissies 2016

1.. Het onderzoek van de geloofsbrieven met de daarbij behorende stukken van nieuw benoemde leden geschiedt door een commissie van drie leden, die door de voorzitter wordt benoemd. 2.. De commissie brengt na haar onderzoek in de vergadering van de raad verslag uit en doet daarbij een voorstel voor het te nemen besluit. 3.. De raad beslist terstond. 4.. De voorzitter roept de toegelaten leden op om in de eerste raadsvergadering in nieuwe samenstelling, bedoeld in artikel 18 Gemeentewet, de voorgeschreven eed of verklaring en belofte af te leggen. 5.. In geval van een tussentijdse vacaturevervulling roept de voorzitter – in afwijking van het voorgaande – een nieuw benoemd raadslid op voor de raadsvergadering waarin over diens toelating wordt beslist om de voorgeschreven eed of verklaring en belofte af te leggen.

Rechtspraak bij dit artikel