Bij de benoeming van een wethouder stelt de raad een raadscommissie in bestaande uit drie raadsleden. Deze commissie onderzoekt of de benoeming van de kandidaat voldoet aan de vereisten van de artikelen 36a, 36b, 41b lid 1, 3 en 4 en 41c lid 1 Gemeentewet en het uitgevoerde integriteitsonderzoek en brengt vervolgens advies uit aan de raad over de benoeming tot wethouder.