Naar hoofdinhoud

Artikel 2

Bewijsstukken

Onderdeel van Beleidsregel Uitvoering Wet taaleis Participatiewet 2016

1.. Het college bepaalt op individuele basis op welke wijze belanghebbende aan kan tonen over het gewenste taalniveau te beschikken; 2.. Documenten waaruit het taalniveau blijkt zijn in ieder geval: Een certificaat of diploma van een onderwijsinstelling dan wel trainingsbureau waaruit blijkt dat men de Nederlands taal beheerst op het gewenste taalniveau; Een controleerbaar Curriculum Vitae en/of referentie waaruit blijkt dat betrokkene werkzaam is (geweest) in een bedrijf waar Nederlands de voertaal is; Een Arbeidsovereenkomst waaruit blijkt dat betrokkene werkzaam is (geweest) in een bedrijf waar Nederlands de voertaal is; Een diploma voortgezet onderwijs (of hoger); Een beschikking van vrijstelling van de Inburgeringsplicht op grond van artikel 2.3 t/m 2.5 van het Besluit Inburgering; Een ander door de klant overlegd document waaruit het taalniveau naar voren komt.

Rechtspraak bij dit artikel