Naar hoofdinhoud

Artikel 19

Zienswijze

Onderdeel van Sociaal statuut gemeente Opmeer 2016

1.. Als de medewerker zich niet met het besluit tot voorlopige plaatsing kan verenigen, kan hij binnen twee weken na de dag van verzending van dat besluit, schriftelijk en gemotiveerd, zijn zienswijze kenbaar maken. 2.. De werkgever legt de zienswijzen voor advies voor aan de plaatsingscommissie. 3.. De plaatsingscommissie hoort de betrokken medewerker zo spoedig mogelijk na ontvangst van de ingediende zienswijze, behoudens wanneer de medewerker schriftelijk heeft verklaard daarvan geen gebruik te willen maken. De medewerker kan zich bij het horen laten bijstaan door een adviseur. 4.. Binnen vier weken na de in lid 1 van dit artikel ingediende zienswijze, brengt de plaatsingscommissie aan de werkgever schriftelijk en gemotiveerd advies uit over de ingediende zienswijze. 5.. De werkgever neemt binnen zes weken na ontvangst van de zienswijze, zoals beschreven in lid 1 van dit artikel, een besluit over de ingediende zienswijze en deelt dit besluit aan de medewerker schriftelijk en gemotiveerd mede. Hierbij wordt tevens een afschrift van het advies van de plaatsingscommissie gevoegd.

Rechtspraak bij dit artikel