**1..** De werkgever stelt de voorlopige plaatsingen vast op basis van het
gemotiveerde advies van de plaatsingscommissie. Deze adviezen worden
door de werkgever onder meer beoordeeld op onderlinge samenhang en
worden getoetst aan het organisatiemodel.
**2..** Indien de werkgever daartoe aanleiding ziet, wordt – met redenen omkleed
– een advies ter heroverweging aan de plaatsingscommissie voorgelegd.
Deze commissie brengt dan opnieuw een al dan niet gewijzigd advies
uit.
**3..** De werkgever kan uitsluitend op grond van zwaarwegende argumenten
afwijken van de adviezen van de plaatsingscommissie.
**4..** De werkgever deelt de medewerker schriftelijk mede in welke functie hij
voorlopig wordt geplaatst. Als de werkgever afwijkt van de eerste
voorkeur van de medewerker, dan wordt dit schriftelijk gemotiveerd.
**5..** Indien plaatsing in een passende of geschikte functie niet mogelijk is
binnen de vastgestelde formatie van het formatieplan bedoeld in artikel
13, lid 6 van dit statuut, deelt de werkgever de medewerker het
voornemen schriftelijk mee dat hij bovenformatief wordt geplaatst.
**6..** Tegen het besluit genoemd in lid 5 van dit artikel staat geen
bezwaarmogelijkheid open in het kader van de Algemene wet
bestuursrecht.