Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 5.

Artikel 5.2

Regels paracommerciele inrichtingen

Onderdeel van Nota Drank- en Horecawet gemeente Oldenzaal

In de op te stellen Drank- en Horecaverordening dienen wij regels op te nemen met betrekking tot de dagen en tijden waarop in paracommerciële inrichtingen alcohol mag worden geschonken. Tevens moeten hier regels worden opgenomen voor de verstrekking van alcohol tijdens “bijeenkomsten van persoonlijke aard”. In de volgende paragrafen wordt dit nader besproken. 5.2.1 Bijeenkomsten paracommerciële inrichtingen Wij hebben in de Verordening paracommercialisme (1993) ten aanzien van de bijeenkomsten van persoonlijke aard al invulling gegeven aan deze bepaling. In de verordening is aangegeven dat er geen bijeenkomsten van persoonlijke aard in onze gemeente plaats mogen vinden. De achtergrond hiervan is het voorkomen van oneerlijke concurrentie. Om toch, bij een aantal bijzondere gelegenheden, de mogelijkheid te hebben om hier vanaf te wijken kan de burgemeester op grond van artikel 4, lid 4 DHW in incidentele gevallen bijzondere bijeenkomsten toestaan (onder een bijzondere gelegenheid wordt onder andere de receptie van prins Carnaval bij St. Josef verstaan). 5.2.2 Schenktijden De wetgever verplicht ons om beperkingen te stellen aan de schenktijden binnen paracommerciële inrichtingen. Hierbij wordt enkel de tijden waarop alcoholhoudende drank wordt geschonken bedoeld. De motieven voor deze beperking liggen hoofdzakelijk in het voorkomen van oneerlijke concurrentie. Veel gemeenten kiezen ervoor om de schenktijd te koppelen aan de hoofdactiviteit, waarbij de tijden lopen van een uur voor tot een uur na de hoofdactiviteit. Voordeel hiervan is dat dit een duidelijke regel is, nadeel is dat deze regel moeilijk handhaafbaar is, het is namelijk mogelijk om de schenktijden “op te rekken”. Ook bestaat er de mogelijkheid van generieke schenktijden met differentiatiemogelijkheid. Het voordeel hiervan is dat de bepaling duidelijk en goed handhaafbaar is, dat de raad de schenktijden bepaalt in plaats van de vereniging in het bestuursreglement en dat alcoholverstrekking een nevenactiviteit blijft. Nadeel is echter dat dit geen op-maat-regeling is en dat differentiatie tot discussie leidt over willekeur en rechtsongelijkheid. Een andere mogelijkheid is om een maximaal aantal uren per week te hanteren waarop paracommerciele inrichtingen alcohol mogen verstrekken. In de Noaberkracht gemeenten Dinkelland en Tubbergen is ervoor gekozen om in paracommerciële inrichtingen maximaal 30 uur per week alcohol te schenken. Dit betekent dat de paracommerciële inrichtingen zelf binnen deze 30 uur mogen bepalen op welke tijdstippen zij alcohol schenken. De tijden dienen zij kenbaar te maken aan de gemeente. Het gaat hierbij overigens over de schenktijden van alcohol, niet om de openingstijden. Voordeel van deze regel is dat de bepaling duidelijk en goed handhaafbaar is, nadeel is echter wel dat deze tot discussie leidt over de hoogte van het aantal uren (de paracommerciële inrichtingen vinden het te weinig en de horeca te veel). De regels is overigens bij veel club- en buurthuizen, waarin de dag door vrij veel activiteiten plaatsvinden niet te hanteren. Dan betekent dat er bijvoorbeeld 's ochtends bij de kaartclub geen alcohol geschonken mag worden omdat anders de maximumnorm van 30 uur per week wordt overschreden. Bij bijzondere gelegenheden (evenementen/toernooien) is de norm van 30 uur per week aan schenktijd onvoldoende, hiervoor dient men apart een ontheffing aan te vragen bij de gemeente, hierdoor wordt weer extra administratieve lastendruk gecreëerd. Wij hebben reeds aangegeven dat onze prioriteit ligt bij het verantwoord verstrekken van alcohol en het verminderen van het alcoholgebruik onder jongeren, onze prioriteit bij de paracommerciële instel-lingen ligt bij het tegengaan van excessen van de schenktijden. Daarnaast is de uur voor en de uur na de hoofdactiviteit goed te handhaven omdat de trainingstijden door de week, en ook de wedstrijden in het weekend bekend zijn. Dit is transparant, er bestaat een mogelijkheid om de tijden “op te rekken” maar bij de meeste paracommerciële inrichtingen is dit geen probleem. Omdat wij oneerlijke concurrentie tegen willen gaan kiezen wij ervoor om de schenktijd te koppelenaan de hoofdactiviteit, waarbij de tijden lopen van een uur voor tot een uur na de hoofdactiviteit meteen maximale eindtijd van 24.00 uur. Daarbij wordt de voorwaarde verbonden dat de sportverenigingen hun training- en wedstrijdschema aan ons kenbaar maken zodat wij mogelijkheden hebben om te kunnen controleren. Aan iedere regel zitten zoals aangegeven voor en nadelen, om de schenktijd te koppelen aan dehoofdactiviteiten en het opstellen van extra regels tegen te gaan (deregulering) wordt voor deze regelgekozen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel