**1..** Indien de ambtenaar overlijdt en zijn overlijden een
rechtstreeks gevolg is van een ongeval in en door de dienst, dan
wordt aan de achterblijvende partner een uitkering verstrekt.
Indien de overledene geen partner nalaat, wordt de uitkering
verstrekt aan de minderjarige kinderen.
**2..** De uitkering bedraagt één jaarsalaris, vermeerderd met de
vakantietoelage en de toegekende salaristoelagen, berekend over
de 12 kalendermaanden onmiddellijk voorafgaande aan de maand van
overlijden.
**3..** Indien het college een verzekering heeft afgesloten die tot
uitkering komt als de ambtenaar overlijdt als gevolg van een
ongeval in en door de dienst, bedraagt de uitkering in afwijking
van het tweede lid het bedrag waarvoor het college zich heeft
verzekerd, met een minimum ter grootte van de in het tweede lid
genoemde uitkering.
**4..** Zijn er geen nagelaten betrekkingen zoals genoemd in het eerste
lid dan wordt de overlijdensuitkering uitgekeerd aan de
meerderjarige kinderen, ouders, broers of zusters waarvoor de
overledene kostwinner was.
Hoofdstuk 3 › Paragraaf 4
Artikel 3:24
Uitkering bij overlijden als gevolg van een ongeval in en door de dienst
Onderdeel van Collectieve Arbeidsvoorwaarden en Uitwerkingsovereenkomst