Voor het bepalen van de geraamde kostprijs van goederen, werken
en diensten van de gemeente, die worden
geleverd aan overheidsbedrijven en derden, wordt een systeem van
kostentoerekening gehanteerd. Bij de kostentoerekening worden
naast de directe kosten de indirecte kosten betrokken, die
rechtstreeks samenhangen met de door de gemeente verleende
diensten.
Bij de kosten worden betrokken de bijdragen aan en onttrekkingen
van voorzieningen voor de noodzakelijke vervanging van de
betrokken activa, de kapitaallasten van de in gebruik zijnde
activa en voor rioolheffing en afvalstoffenheffing de
compensabele belasting over de toegevoegde waarde (BTW),
eventuele andere belastingen en de kosten van het
kwijtscheldingsbeleid.
Voor de inzet van materiële activa worden naast directe kosten,
indirecte kosten en afschrijvingskosten, de rente voor de
financiering van het actief toegerekend. Deze rente is een
vergoeding voor de inzet van vreemd vermogen en van eigen
vermogen. De rentepercentages voor deze vergoeding worden bij de
behandeling van de begroting vastgesteld.