**1..** De maatregel, bij gedragingen als bedoeld in artikel 6, wordt
vastgesteld op:
5 procent van de bijstandsnorm gedurende één maand bij
gedragingen van de eerste categorie;
10 procent van de bijstandsnorm gedurende één maand bij
gedragingen van de tweede categorie;
50 procent van de bijstandsnorm gedurende één maand bij
gedragingen van de derde categorie.
**2..** Als een belanghebbende zich binnen twaalf maanden na bekendmaking
van een besluit waarmee een maatregel is toegepast vanwege een
gedraging als bedoeld in artikel 6, opnieuw schuldig maakt aan een
verwijtbare gedraging uit dezelfde categorie, wordt telkens de duur
en de hoogte van de laatste voor deze categorie gedragingen
opgelegde maatregel verdubbeld.
**3..** Als een belanghebbende zich binnen twaalf maanden na bekendmaking
van een besluit waarmee een maatregel is toegepast als bedoeld in
artikel 6 zich opnieuw schuldig maakt aan een verwijtbare gedraging
maar dan van een hogere categorie, wordt de duur en de hoogte van de
maatregel die bij deze hogere categorie hoort, verdubbeld. Indien
een belanghebbende zich opnieuw hieraan schuldig maakt, wordt de
telkens de maatregel die als laatste hiervoor is opgelegd verdubbeld
in hoogte en duur voor zover de hoogte van 100% niet is bereikt en
de maatregel niet langer dan drie maanden duurt.
Hoofdstuk 2.
Artikel 7.
Hoogte en duur van de verlaging
Onderdeel van Maatregelenverordening Participatiewet 2016