Naar hoofdinhoud

Deel II

Artikel 3.

Nevenfuncties

Onderdeel van Gedragscode Bestuurlijke Integriteit 2003

3.1. Een bestuurder/raadslid vervult geen nevenfunctie waarbij strijdigheid is of kan zijn met het belang van de gemeente. 3.2. Een bestuurder/raadslid maakt melding van al zijn nevenfuncties waarbij tevens wordt aangegeven of de functie wel of niet bezoldigd is. Deze gegevens worden openbaar gemaakt. 3.3. De kosten die een bestuurder/raadslid maakt in verband met een nevenfunctie uit hoofde van het ambt( q.q.-nevenfunctie), worden vergoed door de instantie waar de nevenfunctie wordt uitgeoefend. 3.4. Een bestuurder/raadslid die een nevenfunctie wil vervullen anders dan uit hoofde van het ambt, bespreekt dit voornemen in het college/presidium. Daarbij komt tevens aan de orde hoe wordt gehandeld met betrekking tot eventuele vergoedingen en de te maken kosten.

Rechtspraak bij dit artikel