Naar hoofdinhoud

Artikel 5

Voorschriften budgetten

Onderdeel van Regeling budget- en kredietbeheer gemeente Ermelo 2015

1.. Een opdracht voor de levering van een product en/of dienst wordt eerst geplaatst nadat is komen vast te staan dat het budget ten laste waarvan de factuur moet worden gebracht voldoende dekking biedt. 2.. Indien geen toereikend budget aanwezig is, kan door de budget- en kredietverantwoordelijke dan wel het college van burgemeester en wethouders besloten worden tot budgetcompensatie. 3.. De na afloop van een boekjaar resterende budgetten vallen vrij in het rekeningresultaat van dat boekjaar. Voor zover resterende budgetten in een volgend begrotingsjaar alsnog aangewend moeten worden, wordt bij de aanbieding van de jaarrekening tevens de bijbehorende begrotingswijziging voor het begrotingsjaar volgend op het afgesloten boekjaar aangeboden, waarin het voorstel wordt gedaan om deze bedragen beschikbaar te houden. De volgende voorwaarden zijn van toepassing om budgetten aan te wijzen waarvoor restanten mogen worden gebruikt voor uitvoering van de bij die budgetten behorende taak: Het, voor de uitvoering van een specifieke taak, begrote bedrag is (deels) ongebruikt, én Het budgetrestant bedraagt minimaal € 10.000,00, én De budgetverantwoordelijke/budgetbeheerder toont aan dat de taak in het boekjaar niet (volledig) is uitgevoerd, én De budgetverantwoordelijke/budgetbeheerder toont aan dat de taak in het, op het boekjaar volgende, jaar daadwerkelijk uitgevoerd moeten worden 4.. Na 1 augustus van een jaar worden er geen nieuwe incidentele budgetten meer in de lopende begroting verwerkt. Zij worden dan in de begroting van het komende begrotingsjaar opgenomen. De enige uitzondering hierop is wanneer wetgeving daartoe dwingt, wanneer de rechtmatigheidsverklaring in het geding komt of wanneer het ongewenste financiële gevolgen heeft.

Rechtspraak bij dit artikel