Naar hoofdinhoud

Artikel 6

Voorschriften kredieten

Onderdeel van Regeling budget- en kredietbeheer gemeente Ermelo 2015

1.. Een opdracht voor de levering van een product en/of dienst wordt eerst geplaatst nadat is komen vast te staan dat het krediet ten laste waarvan de factuur moet worden gebracht voldoende dekking biedt en door de raad is geautoriseerd. 2.. In die gevallen waarin onzekerheid bestaat over de noodzaak of haalbaarheid van een kapitaaluitgaaf, dan wel dat de hoogte van een kapitaaluitgaaf niet op voorhand duidelijk is, kan aan de raad geen kapitaalkrediet worden gevraagd. 3.. De kosten die worden gemaakt om de noodzaak of haalbaarheid van een kapitaaluitgaaf te onderzoeken komen te allen tijde ten laste van de exploitatiebegroting. 4.. Indien geen toereikend krediet aanwezig is kan, op advies van de budgetverantwoordelijke, door het college aan de raad een aanvullend krediet worden gevraagd. Daarbij wordt aangegeven op welke wijze de met deze aanvraag samenhangende extra kapitaallasten zullen worden gedekt. 5.. Volledig ongebruikte kredieten die ouder zijn dan twee jaar worden bij de jaarrekening afgesloten, tenzij de raad voor afloop van het boekjaar besloten heeft deze door te schuiven naar een later jaar. 6.. Restantkredieten lopen naar een volgend boekjaar over nadat de betreffende budget- en kredietverantwoordelijke / kredietbeheerder het team financiën daarom heeft verzocht. Restantkredieten waarop tijdens het boekjaar geen uitgaven zijn verantwoord kunnen slechts naar het volgend boekjaar overlopen indien in het verzoek wordt aangetoond dat op de restantkredieten in het volgend boekjaar daadwerkelijk uitgaven zullen worden gedaan. De budget- en kredietverantwoordelijke dient het verzoek uiterlijk in januari van het nieuwe boekjaar in. 7.. Na realisatie van het kapitaalgoed wordt het betreffende kapitaalkrediet ultimo boekjaar afgesloten en resterende overschotten vallen vrij.

Rechtspraak bij dit artikel