Naar hoofdinhoud

Artikel 1.

Inleiding

Onderdeel van Activering- en afschrijvingbeleid (2015)

Het activering- en afschrijvingbeleid heeft een grote invloed op de exploitatie en vermogenspositie van de gemeente en daarmee op de financiële resultaten die behaald worden. Een transparant activabeleid is daarom zowel bedrijfseconomisch als bestuurlijk van belang. Deze nota Activering- en afschrijvingbeleid voorziet in een integraal beleidskader, waarin het activering- en afschrijvingbeleid is afgestemd op de meest recente regelgeving. Voor een goed begrip wordt hier eerst kort stilgestaan bij de twee soorten uitgaven die in de gemeentelijke financiële huishouding zijn te onderscheiden: lopende uitgaven (budgetten): worden verantwoord in de exploitatie en zijn slechts één jaar zichtbaar in de administratie (aan het einde van het jaar worden alle uitgaven en inkomsten gesaldeerd en ontstaat een voordelig of nadelig exploitatiesaldo); kapitaaluitgaven (kredieten, investeringen): worden verantwoord op de balans (“geactiveerd”), waar alle waarden van bezittingen (activa) en schulden (passiva) in geld worden uitgedrukt. Alle balansposten tezamen bepalen de omvang van het vermogen van de gemeente. Door gebruik zal de waarde van de bezittingen verminderen, wat door afschrijven tot uitdrukking wordt gebracht. Deze nota gaat in op de onderwerpen die verband houden met de laatstgenoemde categorie. Kenmerkend voor investeringen is dat de betreffende uitgaven niet jaarlijks plaatsvinden en worden gebruikt gedurende meerdere jaren. Het is daarom gebruikelijk de betreffende uitgaven verspreid over meerdere jaren toe te rekenen aan de exploitatie. Dit wordt tot uiting gebracht in de jaarlijkse kapitaallasten (rente en afschrijving), die vervolgens in lijn met de levensduur van de investering structureel in de begroting worden geraamd. Een investeringkrediet heeft hierdoor een wezenlijk ander karakter dan een regulier budget in de begroting. 4 Investeringen in de openbare ruimte met maatschappelijk nut (zie paragraaf 3.2.1.2) vormen hierbij een unieke categorie met op bepaalde onderdelen geheel eigen uitgangspunten. In het vervolg van deze nota zal indien aan de orde vanzelfsprekend nader op de betreffende aspecten worden ingegaan. Ten aanzien van het onderwerp afschrijven spelen de volgende begrippen een centrale rol 5 Voor de definitie van meer begrippen wordt verwezen naar de in bijlage 2 opgenomen begrippenlijst.: Investeren: doen van uitgaven ter verkrijging van kapitaalgoederen, waarvan het nut zich uitstrekt over meerdere jaren. Een andere benaming voor investering is kapitaaluitgave of actief. In het vervolg van deze nota worden de begrippen investering en actief (activa) afwisselend gebruikt. Activeren: op de balans presenteren van de financiële waarde van het aangeschafte of vervaardigde kapitaalgoed met meerjarig nut, dat als bezitting kan worden beschouwd. Afschrijven: boekhoudkundige weergave van de jaarlijkse waardevermindering van een investering. Deze waardedaling wordt veroorzaakt door technische slijtage (samenhangend met de technische levensduur) en/of economische veroudering (samenhangend met de economische levensduur). Op de balans wordt onderscheid gemaakt tussen vaste activa en vlottende activa. Vaste activa zijn bijvoorbeeld de gebouwen en de inventaris. Voorbeelden van vlottende activa zijn debiteuren en voorraden. Activeren en afschrijven heeft alleen betrekking op het onderdeel vaste activa. In het verdere verloop van deze beleidsnota blijven de vlottende activa daarom buiten beschouwing. Deze nota is als volgt opgebouwd: Hoofdstuk 2 gaat in op de wet- en regelgeving. Zowel het externe kader als de interne regelgeving met betrekking tot activeren, waarderen en afschrijven komt aan bod. Hoofdstuk 3 behandelt de regels met betrekking tot wat er mag/moet worden geactiveerd. Hoofdstuk 4 gaat in op het vraagstuk hoe en tegen welke waarde er moet worden gewaardeerd. Hoofdstuk 5 beschrijft welke lijnen er gelden voor het afschrijven. Hoofdstuk 6 bevat slotbepalingen voor aspecten die niet tot de voorgaande hoofdstukken behoorden. De conclusies in deze nota zijn weergegeven in omkaderde tekstvakken. In de voorafgaande tekst wordt steeds een motivatie gegeven voor de betreffende conclusie. 6 In geval sprake is van dwingende regelgeving en er derhalve geen ruimte is voor een eigen beleidsafweging, zijn er omtrent dat onderwerp geen conclusies geformuleerd. Een totaaloverzicht van alle conclusies is opgenomen in de samenvatting van deze nota.

Rechtspraak bij dit artikel