Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 5

Artikel 5.1

Huidige wijze van toerekening rente in de kapitaallasten.

Onderdeel van Nota Rentebeleid 2012

In hoofdstuk 4 is in hoofdlijnen de werking van de totaalfinanciering geschetst. Als uitwerking van dit systeem verdeelt de gemeente de totale rentelasten (kapitaallasten) over de producten. De totale rentelast wordt evenredig via het renteomslagpercentage, of zoals in onze gemeente via een vooraf afgesproken vast percentage, verdeeld. Op deze werkwijze worden enkele uitzonderingen toegepast. Zo is in het verleden besloten om voor bepaalde investeringen uit te gaan van vaste rentepercentages met betrekking tot de toerekening van de rentekosten. Het gaat hierbij om investeringen waar een aparte lening voor afgesloten is (partiële financiering) of om investeringen die een vaste rentevergoeding opleveren. Ook objecten, die annuïtair afgeschreven worden, zijn onder deze groep geschaard. Voorbeelden hiervan zijn de investeringen in rioleringen, de beheerscommissie accommodaties en een aantal verstrekte leningen voor welzijns- en sportaccommodaties en woningbouw. Voorgesteld wordt de huidige partieel gefinancierde objecten niet onder een andere systematiek te brengen, maar via de “sterfhuisconstructie” af te laten lopen en dit voor nieuwe objecten niet meer toe te passen. In principe wordt dus aan alle (zowel nieuwe als bestaande) investeringen rente toegerekend volgens een vast percentage. Op de kostenplaats 599 Kapitaallasten staat tegenover deze rekenrente de werkelijke rente. Het verschil tussen deze rekenrente en de werkelijke rente wordt bij de begroting en jaarrekening ineens ten laste of ten gunste van het programma Algemene Dekkingsmiddelen gebracht. Toch staat dit systeem sinds een aantal jaren onder druk. Zo wordt in de gemeente Ermelo al enige tijd voor investeringen met maatschappelijk nut, overeenkomstig de voorkeur van het BBV, de afschrijving zoveel mogelijk in één keer ten laste van de exploitatie of reserves gebracht. Met andere woorden voor deze investeringen wordt al geen rente meer toegerekend aan het betrokken product, maar verdeeld over de overige producten. Voorts heeft de gemeente, door een groot liquiditeitoverschot, de komende jaren geen behoefte om op de kapitaalmarkt te opereren door het aantrekken van nieuwe leningen. De gemeente wil daarnaast waar mogelijk haar administratieve processen vereenvoudigen en daarmee ook toegankelijker maken. Het vereenvoudigen van het proces van toerekenen van de rente over de investeringen sluit daar goed bij aan.

Rechtspraak bij dit artikel