Naar hoofdinhoud

Artikel 3

Archeologievergunning

Onderdeel van Archeologieverordening Almere 2016

1.. Het is verboden zonder vergunning van het college of in strijd met bij zodanige vergunning verbonden voorschriften bouwactiviteiten of de volgende werkzaamheden uit te voeren op of in de krachtens artikel 1 aangewezen terreinen: Het verlagen van de bodem, het uitvoeren van grondwerkzaamheden of het afgraven van gronden waarvoor geen ontgrondingsvergunning nodig is; Het ophogen van de bodem met meer dan 50 cm; Het aanleggen van bos of boomgaard bestaande uit meer dan 10 bomen; Het verlagen van het waterpeil; Het aanleggen, verbreden of verharden van wegen, paden of parkeergelegenheden en het aanbrengen van andere oppervlakteverharding; Het aanleggen van ondergrondse transport-, energie- of telecommunicatie- of andere leidingen en daarmee verband houdende constructies; Het graven, verbreden en dempen van sloten, vijvers en andere wateren; Alle overige werkzaamheden die de archeologische waarden kunnen aantasten en die niet aan te merken zijn als het normale gebruik van het terrein. 2.. Het verbod in lid 1 is niet van toepassing voor bouw- en aanlegactiviteiten: in terreinen die op de beleidskaart in waarde 1 vallen, voor zover de activiteiten een oppervlakte van minder dan 500 m2 beslaan en niet dieper zijn dan 1,5 meter onder maaiveld; in terreinen die op de beleidskaart in waarde 2 vallen, voor zover de activiteiten een oppervlakte van minder dan 500 m2 beslaan en niet dieper zijn dan 1 meter onder maaiveld; in terreinen die op de beleidskaart in waarde 3 vallen, voor zover de activiteiten een oppervlakte van minder dan 500 m2 beslaan en niet dieper zijn dan 0,5 meter onder maaiveld; in terreinen die op de beleidskaart in waarde 4 vallen, voor zover de activiteiten een oppervlakte van minder dan 100 m2 beslaan en niet dieper zijn dan 0,5 meter onder maaiveld; in terreinen die op de beleidskaart in waarde 6 vallen, voor zover de activiteiten een oppervlakte van minder dan 25.000 m2 beslaan 3.. Het verbod in lid 1 is ook niet van toepassing indien de werkzaamheden: het normale onderhoud van de gronden betreffen; onderdeel zijn van een reeds vergund initiatief op het tijdstip van het van kracht worden van het bestemmingsplan, omgevingsplan of beheersverordening; worden uitgevoerd in het kader van archeologisch onderzoek, zoals gesteld in de Kwaliteitsnorm voor de Nederlandse Archeologie (KNA). 4.. Het verbod in lid 1 is niet van toepassing bij door het college in nadere regels vastgestelde situaties. 5.. Een uitzondering op het verbod zoals genoemd in lid 2 is niet van toepassing als gedurende de periode van 36 maanden voor verstrekking van de omgevingsvergunning een uitzondering op het verbod in lid 2 van toepassing is geweest op bouw- en aanlegactiviteiten zoals genoemd in lid 1 in terreinen op een afstand van minder dan 50 m van het onderhavige terrein, voor zover de voorgenomen activiteiten in het onderhavige terrein een oppervlakte hebben van meer dan 100 m2. De afstand van 50 meter wordt gemeten over de kortste afstand tot de eerder gebouwde of aangelegde structuren.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel