**1..** Het is verboden zonder vergunning van het college of in strijd met bij
zodanige vergunning verbonden voorschriften bouwactiviteiten of de
volgende werkzaamheden uit te voeren op of in de krachtens artikel 1
aangewezen terreinen:
Het verlagen van de bodem, het uitvoeren van grondwerkzaamheden
of het afgraven van gronden waarvoor geen ontgrondingsvergunning
nodig is;
Het ophogen van de bodem met meer dan 50 cm;
Het aanleggen van bos of boomgaard bestaande uit meer dan 10
bomen;
Het verlagen van het waterpeil;
Het aanleggen, verbreden of verharden van wegen, paden of
parkeergelegenheden en het aanbrengen van andere
oppervlakteverharding;
Het aanleggen van ondergrondse transport-, energie- of
telecommunicatie- of andere leidingen en daarmee verband
houdende constructies;
Het graven, verbreden en dempen van sloten, vijvers en andere
wateren;
Alle overige werkzaamheden die de archeologische waarden kunnen
aantasten en die niet aan te merken zijn als het normale gebruik
van het terrein.
**2..** Het verbod in lid 1 is niet van toepassing voor bouw- en
aanlegactiviteiten:
in terreinen die op de beleidskaart in waarde 1 vallen, voor
zover de activiteiten een oppervlakte van minder dan 500
m2 beslaan en niet dieper zijn dan 1,5 meter onder
maaiveld;
in terreinen die op de beleidskaart in waarde 2 vallen, voor
zover de activiteiten een oppervlakte van minder dan 500
m2 beslaan en niet dieper zijn dan 1 meter onder
maaiveld;
in terreinen die op de beleidskaart in waarde 3 vallen, voor
zover de activiteiten een oppervlakte van minder dan 500
m2 beslaan en niet dieper zijn dan 0,5 meter onder
maaiveld;
in terreinen die op de beleidskaart in waarde 4 vallen, voor
zover de activiteiten een oppervlakte van minder dan 100
m2 beslaan en niet dieper zijn dan 0,5 meter onder
maaiveld;
in terreinen die op de beleidskaart in waarde 6 vallen, voor
zover de activiteiten een oppervlakte van minder dan 25.000
m2 beslaan
**3..** Het verbod in lid 1 is ook niet van toepassing indien de
werkzaamheden:
het normale onderhoud van de gronden betreffen;
onderdeel zijn van een reeds vergund initiatief op het tijdstip
van het van kracht worden van het bestemmingsplan, omgevingsplan
of beheersverordening;
worden uitgevoerd in het kader van archeologisch onderzoek,
zoals gesteld in de Kwaliteitsnorm voor de Nederlandse
Archeologie (KNA).
**4..** Het verbod in lid 1 is niet van toepassing bij door het college in
nadere regels vastgestelde situaties.
**5..** Een uitzondering op het verbod zoals genoemd in lid 2 is niet van
toepassing als gedurende de periode van 36 maanden voor verstrekking van
de omgevingsvergunning een uitzondering op het verbod in lid 2 van
toepassing is geweest op bouw- en aanlegactiviteiten zoals genoemd in
lid 1 in terreinen op een afstand van minder dan 50 m van het
onderhavige terrein, voor zover de voorgenomen activiteiten in het
onderhavige terrein een oppervlakte hebben van meer dan 100
m2. De afstand van 50 meter wordt gemeten over de kortste
afstand tot de eerder gebouwde of aangelegde structuren.