De jaarlijkse inleg van de ambtenaar in het kader van de gemeentelijke levensloopregeling bestaat uit een of meer van de volgende bronnen:
a. het salaris;
b. het IKB indien het college de levensloopregeling op grond van artikel 3:29 lid 2 heeft aangewezen als bestedingsdoel van het IKB;
c. de geldelijke vergoeding voor de verkoop van vakantie-uren, bedoeld in artikel 3:36;
d. het opgebouwde verloftegoed, bedoeld in artikel 4:9 lid 3.