1.. Jeugdigen en ouders kunnen een hulpvraag melden bij het college, of een andere daartoe door het college aangewezen organisatie, verder te noemen andere organisatie.

2.. Het college, of andere organisatie bevestigt de ontvangst van een melding schriftelijk.

3.. In spoedeisende gevallen verstrekt het college zo spoedig mogelijk een passende tijdelijke voorziening of vraagt het college een machtiging gesloten jeugdhulp als bedoeld in hoofdstuk 6 van de wet.

4.. Jeugdigen en ouders kunnen zich rechtstreeks wenden tot een algemene voorziening. Ook de huisarts, medisch specialist, jeugdarts of andere betrokken instanties kunnen hen rechtstreeks verwijzen naar een algemene voorziening.

5.. Het college legt de te verlenen individuele voorziening, dan wel het afwijzen daarvan, vast in een beschikking als bedoeld in artikel 10.