Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4.

Artikel 4.1.

Exploitatievergunning

Onderdeel van Nota Horecabeleid 2016-2020

Wettelijk gezien zijn er een aantal eisen en randvoorwaarden gesteld aan horeca-inrichtingen. Om dit te kunnen regelen, kent de gemeente Barneveld de exploitatievergunning, artikel 23 Algemene Plaatselijke Verordening (APV) Barneveld. 4 In dit geval en in het vervolg van de tekst wordt de nummering van de APV Barneveld gehanteerd zoals in 2015 is vastgesteld en zoals bij aanvang van dit beleid geldt. Mochten er wijzigingen in de APV komen tijdens de looptijd van dit beleid, houd er dan rekening mee dat de genoemde artikelnummers niet meer overeen kunnen komen. Met de exploitatieregeling worden de exploitatievorm, de openingstijden en het eventuele terras geregeld. Voor het verlenen van een exploitatievergunning ten behoeve van een horecabedrijf is de eerste vraag of de activiteit past binnen het bestemmingsplan van de desbetreffende locatie. Het bestemmingsplan geeft aan welke functie ter plaatse is toegestaan. Het is belangrijk om na te gaan of de betreffende locatie een horecabestemming heeft en zo ja, welk type horeca op grond van het bestemmingsplan is toegestaan. 5 Voor de informatie die is opgenomen in het bestemmingsplan kunt u contact opnemen met de afdeling Ruimtelijke Ontwikkeling bij de gemeente of kijken op de website www.ruimtelijkeplannen.nl.Wanneer sprake is van overname zal in de meeste gevallen sprake zijn van een bestaande horecabestemming. Wanneer een nieuwe horecaonderneming wordt gestart op een locatie die een andere bestemming heeft, zal een omgevingsvergunning tot afwijking of herziening van het bestemmingsplan aangevraagd moeten worden. Het gemeentebestuur neemt daar het besluit over. De omgevingsvergunning is geregeld in de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo). Een aanvraag voor deze vergunning wordt getoetst aan bestemmingsplan, bouwbesluit, welstand en bouwverordening. Tevens wordt getoetst of er sprake is van een goede ruimtelijke ordening, waarbij onder meer aandacht wordt besteed aan de parkeerbehoefte. Er is geen exploitatievergunning vereist voor een openbare inrichting 6 Onder de term openbare inrichting wordt verstaan: een hotel, restaurant, pension, café, bar, cafetaria, snackbar, discotheek, buurthuis, sportkantine, verenigingsgebouw of clubhuis en elke andere voor het publiek toegankelijke, besloten ruimte waarin bedrijfsmatig of in een omvang alsof zij bedrijfsmatig was logies wordt verstrekt of dranken worden geschonken of rookwaren of spijzen voor directe consumptie worden verstrekt. die zich bevindt in: een winkel als bedoeld in artikel 1 van de Winkteltijdenwet voor zover de activiteiten van de openbare inrichting een nevenactiviteit vormen van de winkelactiviteit; een zorginstelling; een museum; een bedrijfskantine of bedrijfsrestaurant. Voor het uitoefenen van een horecabedrijf is naast de exploitatievergunning een drank– en horecavergunning vereist in het geval alcohol verstrekt zal worden. Met deze vergunningverlening wordt de gemeente in staat gesteld om regulerend op te treden uit het oogpunt van drankverstrekking, veiligheid en openbare orde. De hiervoor beschreven Drank– en Horecawet is hiervoor de wettelijke basis. Zoals in het landelijk wettelijk kader is vermeld stelt het Activiteitenbesluit milieubeheer algemene regels aan horecabedrijven om overlast door bijvoorbeeld muziek en het komen en gaan van bezoekers zoveel mogelijk te beperken. In de meeste gevallen is het niet nodig om een omgevingsvergunning voor het oprichten of veranderen van een milieu-inrichting aan te vragen, maar kan volstaan worden met een melding. De milieumelding kan digitaal worden gedaan via de website http://aimonline.nl. De verplichte melding op grond van het Besluit algemene regels voor inrichtingen milieubeheer (Activiteitenbesluit milieubeheer) moet, als de activiteiten waarvoor een melding wordt gedaan samenlopen met de activiteiten waarvoor een omgevingsvergunning is aangevraagd, tegelijkertijd met de aanvraag van een omgevingsvergunning worden gedaan. Indien een ondernemer bijvoorbeeld gaat (ver)bouwen, dan moet de milieumelding eerder dan of gelijktijdig met de aanvraag voor de omgevingsvergunning worden gedaan. In een aantal gevallen dient een horecaonderneming op grond van het Activiteitenbesluit milieubeheer een akoestisch rapport bij de onderhavige melding gevoegd te zijn. In het kader van milieuwetgeving en de akoestische normen die daarin zijn opgenomen heeft de gemeente een aantal mogelijkheden om eventuele geluidsoverlast te beperken. Wanneer uit het rapport blijkt dat de inrichting niet kan voldoen aan de van toepassing zijnde geluidsnormen, kunnen er zogenoemde maatwerkvoorschriften opgelegd worden teneinde aan die normen te kunnen voldoen. Tegen het opleggen van een maatwerkvoorschrift kan een ondernemer een bezwaarschrift indienen. Een maatwerkvoorschrift is pandgebonden en vervalt dan ook niet met de verkoop van een zaak. Ook een nieuwe exploitant is dan ook in beginsel gehouden aan een dergelijk maatwerkvoorschrift.

Rechtspraak bij dit artikel