Het college kan een subsidieaanvraag als bedoeld in artikel 2 in een jaar afwijzen of het in artikel 4, lid 1, genoemde subsidiepercentage van 25% verlagen als:
het speciaal daarvoor beschikbaar gestelde subsidiebudget niet toereikend is;
de te treffen voorzieningen en/of het object in het kader van het monumentenbeleid volgens het college een lage prioriteit heeft.