Aanleiding
Wanneer een huishouden moet rondkomen van een minimum inkomen is
het
(noodzakelijk) vervangen van duurzame gebruiksgoederen zoals
bijvoorbeeld een wasmachine of een koelkast een financiële tegenvaller.
Om te voorkomen dat dergelijke huishoudens in de financiële problemen
terecht komen heeft het college de Richtlijn duurzame gebruiksgoederen
vastgesteld. Deze richtlijn is een uitwerking van de artikelen 35, lid 1
en 51 van de Participatiewet. Het hebben van een inkomen en een vermogen
dat beneden de vastgestelde grenzen ligt is voldoende. Dit beperkt het
administratieve onderzoek en de uitvraag van veel bewijsstukken bij de
klant. Hierdoor kan sneller worden gehandeld wat de dienstverlening ten
goede komt.
Doelgroep
De regeling is bedoeld voor inwoners van gemeente De Wolden van 21 jaar
of ouder met een inkomen tot en met 110% van de voor hen geldende
bijstandsnorm waarbij het vermogen beneden de voor hen geldende
vermogensgrens ligt.
Uitzondering: Wanneer men voor de eerste
keer zelfstandig gaat wonen en/of verhuist na echtscheiding moet men
gebruik maken van de Gemeentelijke kredietbank (GKB). In deze situaties
heeft men kunnen reserveren voor deze aanschaf (als inwonende) of heeft
men al duurzame gebruiksgoederen vanuit de vorige woonsituatie mee
kunnen nemen (boedelverdeling).
Normbedragen en hoogte bijzondere bijstand
Ten behoeve van de kosten van aanschaf van, en vervanging van
duurzame
gebruiksgoederen worden de normbedragen gehanteerd zoals deze zijn
opgenomen in de Prijzengids van het Nibud. Het gaat om de meest recente
Prijzengids. Deze is ook terug te vinden op www.nibud.nl. Deze
bijzondere bijstand wordt ‘om niet’ verstrekt.
Bijzonderheden
Het moet gaan om de aanschaf of vervanging van duurzame gebruiksgoederen
die als ‘noodzakelijk’ worden beschouwd. Daarom is de regeling
gelimiteerd tot 4 gebruiksgoederen. Door (achteraf) nota’s te overleggen
moet de cliënt aantonen dat de kosten daadwerkelijk worden gemaakt. Zie
ook 1.4. Bij vervanging van duurzame gebruiksgoederen wordt rekening
gehouden met de afschrijftermijnen zoals deze gehanteerd worden volgens
het Nibud. Als noodzakelijke duurzame gebruiksgoederen (met daarachter
de gebruikelijke minimale levensduur volgens Nibud) kunnen in deze
regeling worden aangemerkt;
wasmachine 10 jaar
koelkast 10 jaar
televisie 10 jaar
gastoestel 10 jaar
De overige inboedel/duurzame gebruiksgoederen vallen onder
herinrichtingskosten. Zie hiervoor punt 3.1.
Toetsingskader duurzame gebruiksgoederen
Het inkomen en/of uitkering van de aanvrager moet op het moment
van aanvragen gelijk zijn aan of lager dan 110% van het geldende
sociaal minimum en het vermogen moet beneden de toepasselijke
vermogensgrens liggen (tenzij eerste keer zelfstandig wonen of
verhuizen na echtscheiding)
Het moet gaan om de aanschaf of vervanging van noodzakelijke,
duurzame gebruiksgoederen. Hiertoe worden gerekend:
wasmachine,
koelkast,
televisie en
gastoestel
Bij vervanging wordt uitgegaan van de afschrijftermijnen die het
Nibud hanteert
De bijzondere bijstand wordt ‘om niet’ verstrekt en
Voor de hoogte van de bijzondere bijstand wordt aansluiting
gezocht bij normbedragen zoals opgenomen in de Prijzengids van
het Nibud.
Deel 2
Artikel 2.3
Richtlijn duurzame gebruiksgoederen
Onderdeel van Beleidsregels bijzondere bijstand en minimabeleid 2016