Bij het aantrekken van vreemd vermogen voor een periode korter dan één jaar gelden de volgende uitgangspunten:
het voorzien in de vermogensbehoefte tegen zo laag mogelijke kosten;
het aantrekken van vreemd vermogen tegen aanvaardbare risico’s;
het aantrekken van gelden geschiedt op basis van ten minste twee offertes;
de beslissingen tot financiering met kort geld worden genomen op basis van de totale financieringspositie (integrale financiering);
voor het aantrekken van korte financieringsmiddelen zijn uitsluitend de instrumenten kasgeld en de kredietlimiet op de rekening-courant toegestaan.