Gedogen is het bewust afzien van sancties in geval van
overtredingen. Het is alleen toegestaan als het actief gebeurt en er
moet een besluit van het bestuursorgaan aan ten grondslag liggen
(een gedoogbeschikking).
Gedogen is gebonden aan vrij concrete en strakke grenzen die zijn
ontwikkeld in vaste jurisprudentie en zijn omschreven in de
(rijks)nota “Grenzen aan gedogen”. Het gedogen op het terrein van
milieu wordt verder nog bepaald door het gezamenlijk beleidskader
“gedogen” dat is neergelegd in een brief van de Ministers van VROM
en V&W 4Kamerstukken II 2003/2004, 22 343, nr. 82 en de brief van de minister van VROM die mede namens de
Minister van V&W en Justitie aan de Tweede Kamer is aangeboden
5 Brief van 4 december 2003, Kamerstukken II, 22 343, nr.
82
Er zal in de praktijk niet snel voor expliciet gedogen
worden gekozen.
Slechts in uitzonderingsgevallen en onder zorgvuldige
belangenafweging kan besloten worden een situatie te gedogen. Het
gedogen moet ook in omvang en tijd beperkt zijn. Het college acht
gedogen –met in achtneming van de volgende uitgangspunten–
aanvaardbaar:
als handhaving apert onredelijk is;
als de te handhaven regel niet in verhouding staat tot de
gevolgen van handhavend optreden (disproportioneel);
als er expliciet wordt gedoogd, moet de gedoogbeschikking
duidelijke en concrete voorschriften bevatten en voldoen aan
de vereisten (voor het nemen) van een besluit (Algemene wet
bestuursrecht en het zorgvuldigheidsbeginsel).
Situaties die mogelijk voor gedogen in aanmerking
komen
Op basis van de jurisprudentie kunnen de volgende inhoudelijke en
procedurele voorwaarden worden onderscheiden om te gedogen:
de te gedogen activiteit is verantwoord uit het oogpunt van
bescherming van de fysieke leefomgeving;
er bestaat concreet uitzicht op legalisatie van de te
gedogen activiteit;
indien vooruitlopend op besluitvorming over
vergunningverlening wordt gedoogd, is een ontvankelijke
vergunningaanvraag ingediend. Er is tevens een inschatting
gemaakt dat de activiteit vergunbaar is;
er dient sprake te zijn van bijzondere omstandigheden die
gedogen in het concrete geval rechtvaardigen.
In geval van overmacht zijn de eerste drie aandacht voorwaarden niet
van toepassing.
Situaties die van gedogen zijn
uitgesloten
Er wordt niet tot gedogen overgegaan in de volgende situaties:
Indien aan de zijde van de overtreder - naar mening van de
gemeente - sprake is van recidiverend dan wel calculerend
gedrag;
Indien blijkt dat de te gedogen activiteit strijdig is met
enig andere bij of krachtens wettelijk voorschrift gestelde
regel en kenbaar is gemaakt dat met bestuurlijke
handhavingsinstrumenten tegen deze overtreding zal worden
opgetreden, eventueel ook door een ander bevoegd gezag.
Hoofdstuk 6. › Paragraaf
Artikel 6.7
Gedoogstrategie
Onderdeel van Integraal Handhavingsbeleid IJsselstein 2016-2018