Het college kan, al dan niet op verzoek van een belanghebbende,
een monument aanwijzen als beschermd gemeentelijk monument.
Het college zendt zo spoedig mogelijk na ontvangst van het
verzoek de kennisgeving van het voornemen tot aanwijzing aan de
eigenaar.
Het college besluit over de aanwijzing nadat de Commissie voor
Welstand en Monumenten heeft geadviseerd en de eigenaren en
andere beperkt zakelijk gerechtigden in de gelegenheid heeft
gesteld om te worden gehoord. In spoedeisende gevallen kan het
college hiervan afwijken.
In het geval zich de situatie als bedoeld in het eerste lid
voordoet en voor het betreffendemonument een aanvraag om een
vergunning is ingediend, kan het verzoek wordenopgevat als een
spoedeisend geval als bedoeld in het derde lid, tweede volzin
van dit artikel.
De aanwijzing kan geen monument betreffen dat is aangewezen op
grond van artikel 3 van deMonumentenwet 1988 of op grond van
artikel 2 van de Monumentenverordening Noord-Holland 2010.
Hoofdstuk 2
Artikel 2
Aanwijzing tot beschermd gemeentelijk monument
Onderdeel van Monumentenverordening Hilversum 2016