**1..** Een vergunning als bedoeld in artikel 21 van de wet kan worden
geweigerd als:
Naar het oordeel van het college het belang van het
behoud of samenstelling van de woonruimtevoorraad met
het oog op schaarste en leefbaarheid groter is dan het
met de onttrekking, omzetting of woningvorming gediende
belang;
Het onder 1 a. als eerste genoemde belang niet voldoende
kan worden gediend door het stellen van voorwaarden en
voorschriften aan de vergunning;
De toestand van het gebouw waarop de aanvraag betrekking
heeft zich uit oogpunt van indeling of staat van
onderhoud geheel of ten dele tegen omzetting of
woningvorming verzet;
Het verlenen van de vergunning zou kunnen leiden tot een
onaanvaardbare inbreuk op een geordend woon- en
leefmilieu in de omgeving van het betreffende pand;
Vergunningverlening zou leiden tot strijdigheid met het
bestemmingsplan, of met een omgevingsvergunning op grond
waarvan afgeweken mag worden van het
bestemmingsplan;
**2..** Een vergunning als bedoeld in artikel 21 van de wet kan eveneens
worden geweigerd in het geval en onder de voorwaarden als
bedoeld in artikel 3 van de Wet bevordering
integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur.
Hoofdstuk 2. › Paragraaf 2.1
Artikel 5.
Weigeringsgronden
Onderdeel van Huisvestingsverordening Tilburg 2016