**1..** Na vaststelling van het definitieve reorganisatiebesluit en het definitieve plaatsingsplan neemt de werkgever op basis hiervan een individueel rechtspositiebesluit tot (niet) plaatsing (plaatsingsbesluit) van de betrokken medewerker.
**2..** De medewerker wordt zo spoedig mogelijk schriftelijk op de hoogte gesteld van dit besluit. In de motivering wordt ingegaan op de in artikel 4:7 genoemde zienswijze indien die door de medewerker is ingediend.
**3..** In geval er geen plaatsing mogelijk is, geldt het bepaalde in hoofdstuk 5 van dit sociaal kader en wordt op basis van de daar genoemde bepalingen overgegaan tot besluitvorming.
**4..** Tegen het in lid 1 van dit artikel genoemde individueel plaatsingsbesluit c.q. het besluit tot niet plaatsing, kan de medewerker bezwaar en vervolgens beroep aantekenen overeenkomstig het bepaalde in de Algemene wet bestuursrecht.