De derde en laatste voorwaarde om in aanmerking te komen voor een PGB betreft de kwaliteit van de maatschappelijke ondersteuning en jeugdhulp. De kwaliteit dient naar het oordeel van het college gewaarborgd te zijn. Voor de zorg die ingekocht wordt met het PGB gelden dezelfde kwaliteitseisen als voor voorzieningen in natura. Er is wel een duidelijk verschil tussen de kwaliteitseisen in de Jeugdwet en de Wmo. Dit wordt hieronder kort beschreven.
3.3.1. Kwaliteitseisen in de Jeugdwet
Er geldt een zelfstandig kwaliteitsregime voor alle aanbieders van jeugdhulp. De reden hiervoor is dat het begrip jeugdhulp het brede spectrum omvat van lichtere vormen van jeugdhulp tot aan zware vormen van geestelijke gezondheidszorg, jeugd-LVB en jeugdhulp die ingezet wordt in het kader van kinderbeschermingsmaatregelen en jeugdreclassering. In hoofdstuk 4 van de Jeugdwet staan de kwaliteitseisen beschreven die worden gesteld aan jeugdhulpaanbieders en gecertificeerde instellingen.
Bij de financiering van de jeugdhulp kunnen gemeenten middels het contract kwaliteitseisen stellen aan de te leveren diensten. Verder kunnen gemeenten gebruik maken van keurmerken, klachtenregistratie en onderzoeken naar klanttevredenheid. De wetgever acht een aantal kwaliteitseisen zo fundamenteel dat deze in de Jeugdwet uniform zijn vastgelegd. De volgende kwaliteitseisen gelden voor alle professionele jeugdhulpaanbieders:
de norm van verantwoorde hulp, inclusief de verplichting om geregistreerde professionals in te zetten;
gebruik van een hulpverleningsplan of plan van aanpak als onderdeel van verantwoorde hulp;
systematische kwaliteitsbewaking door de jeugdhulpaanbieder;
verklaring omtrent het gedrag (VOG) voor alle medewerkers van een jeugdhulpaanbieder, uitvoerders van kinderbeschermingsmaatregelen of jeugdreclassering;
de verplichte meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling;
de meldplicht calamiteiten en geweld;
verplichting om de vertrouwenspersoon in de gelegenheid te stellen zijn taak uit te oefenen.
Gemeenten hebben, naast de wettelijke kwaliteitseisen, de ruimte om in de voorwaarden bij hun
contractuele overeenkomsten met jeugdhulpaanbieders aanvullende eisen te stellen aan de kwaliteit van de professionele jeugdhulp. Daarom worden net als bij Zorg in Natura door ons de volgende kwaliteitseisen gesteld aan een professionele aanbieder van ondersteuning:
Aanbieders moeten voldoen aan de volgende eisen:
De door Aanbieder in te zetten medewerkers beschikken over een actuele Verklaring Omtrent Gedrag.
De door Aanbieder in te zetten medewerkers zijn zodanig ervaren en/of gekwalificeerd dat zij jeugdigen en/of hun ouders/verzorgers kunnen begeleiden en te ondersteunen, ook bij specifieke en complexe problematiek.
Aanbieder werkt mee aan inspecties en geeft opvolging aan aanbevelingen die hieruit naar voren komen.
Aanbieder informeert Opdrachtgever over de aard en de inhoud van elke melding aan de inspectie op grond van artikel 4.1.8 van de Jeugdwet.
Aanbieder heeft kennis van en handelt naar de uitgangspunten van de nota van de commissie Rouvoet: “Kwaliteitskader voorkomen seksueel misbruik in de jeugdzorg”.
Het door Aanbieder in te zetten personeel houdt zich aan de meldplicht voor calamiteiten en geweld en de meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling. Aanbieder bevordert de kennis over en het gebruik van de meldcode door het personeel.
Het door Aanbieder in te zetten HBO personeel is geregistreerd als Jeugdprofessional of heeft een aantoonbare aanvraag ingediend om als jeugdprofessional geregistreerd te worden. MBO-personeel werkt altijd onder verantwoordelijkheid van een minimaal HBO-geschoolde en geregistreerde medewerker.
Aanbieder houdt rekening met de behoefte en persoonskenmerken van de jeugdige en zijn ouders en met de godsdienstige gezindheid, de levensovertuiging en de culturele achtergrond van de jeugdige en zijn ouder.
De (verblijfs-)locaties van Aanbieder voldoen aan alle wettelijke (veiligheids)eisen.
3.3.2. Kwaliteit in de Wmo
In het geval van de Wmo heeft de budgethouder zelf de regie over de ondersteuning die hij met het persoonsgebonden budget contracteert. Daarmee krijgt hij de verantwoordelijkheid voor de kwaliteit van de geleverde ondersteuning en kan hij deze zo nodig bijsturen. Het college kan op basis van deze bepaling vooraf toetsen of de veiligheid, doeltreffendheid en cliëntgerichtheid voldoende is gegarandeerd. De kwaliteitseisen die gelden voor de ingekochte ondersteuning in natura kunnen niet 1 op 1 worden toegepast op het PGB, omdat de zorg die via een PGB wordt ingekocht niet uitsluitend wordt ingekocht bij professionele instellingen, zoals dat bij zorg in natura wel gebeurt.
Bij het beoordelen van de kwaliteit wordt meegewogen of de diensten, hulpmiddelen, woningaanpassingen en andere maatregelen in redelijkheid geschikt zijn voor het doel waarvoor het PGB wordt verstrekt.
De aanvrager maakt dit inzichtelijk door een persoonlijk plan waarin is vastgelegd:
waar hij zijn ondersteuning zal inkopen,
op welke manier deze ondersteuning bijdraagt aan zijn participatie en zelfredzaamheid;
hoe de veiligheid, doeltreffendheid en cliëntgerichtheid van de ondersteuning is gewaarborgd.
Bij de toekenning en de herbeoordeling(en) toetst het college of de de aanbieder tenminste aan de volgende kwaliteitseisen voldoet:
Aanbieders die werken volgens vastgestelde kwaliteitsstandaarden (professionele organisaties)
Voor hen gelden dezelfde kwaliteitscriteria als voor zorg in natura (ZIN).
Aanbieders die niet werken volgens vastgestelde kwaliteitsstandaarden (bijv. ZZP-ers)
De aanbieder moet ingeschreven staan bij de Kamer van Koophandel;
De hulpverlener moet beschikken over een actuele Verklaring Omtrent Gedrag (VOG);
De hulpverlener moet over een adequate opleiding beschikken;
De hulpverlener moet, voor zover dit voor de aard van de dienstverlening vereist is, beschikken over een BIG-registratie;
De aanbieder moet meewerken aan een cliënt-ervaringsonderzoek en/of daarvoor de benodigde informatie te verstrekken.
3.3.3. Kwaliteitseisen voor inzet vanuit het sociale netwerk voor Jeugd en Wmo
Indien met het PGB een persoon uit het sociale netwerk betaald wordt, worden aan deze hulpverlener geen bijzondere eisen gesteld. Het is de eigen verantwoordelijkheid van de cliënt om de gestelde resultaten te bereiken en deze ook inzichtelijk te maken.
Hoofdstuk
Artikel 3.3