Naar hoofdinhoud
In de Wmo 2015 is geen overgangsrecht opgenomen voor cliënten die op dit moment hulp bij het huishouden ontvangen vanuit de Wmo. Gemeenten hebben echter wel overgangsverplichtingen ten opzichte van deze cliënten. De gemeente heeft daarvoor in haar verordening zelf een overgangsregeling voor de huidige cliënten opgenomen, waarin wordt bepaald dat men recht houdt op een lopende voorziening totdat deze wordt ingetrokken (artikel 21). Hierbij is de gemeente gehouden aan de algemene beginselen van behoorlijk bestuur: het zorgvuldigheidsbeginsel, het vertrouwensbeginsel en het evenredigheidsbeginsel. In de praktijk betekent dit dat gemeenten de huidige cliënten met hulp bij het huishouden een redelijke overgangstermijn dienen te bieden voordat hun voorziening wordt beëindigd, veranderd of versoberd. De lengte van deze overgangstermijn hangt mede af van de duur van de beschikking. Een overgangstermijn van een half jaar is redelijk. Een kortere termijn kan in sommige gevallen gehanteerd worden, mits de cliënt tijdig van de mogelijke komende wijzigingen op de hoogte is gesteld en/of er goede alternatieven geboden kunnen worden aan de cliënt.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel