1.. Bij subsidies van meer dan € 50.000 dient de subsidie-ontvanger een aanvraag tot vaststelling in:

  • - bij een incidentele subsidie, uiterlijk 13 weken na het verricht zijn van de activiteiten;
  • - bij een jaarlijks verstrekte subsidie, uiterlijk vóór 1 mei in het jaar na afloop van het kalenderjaar, respectievelijk 4 maanden na het subsidietijdvak, waarvoor de subsidie is verleend.

2.. De aanvraag tot vaststelling bevat:

  • - een inhoudelijk verslag, waaruit blijkt de gesubsidieerde activiteiten zijn verricht;
  • - een overzicht van de gesubsidieerde activiteiten en de hieraan verbonden uitgaven en inkomsten (financieel verslag of jaarrekening);
  • - een balans van het afgelopen subsidietijdvak met een toelichting daarop;
  • - een controleverklaring opgesteld door een onafhankelijk accountant.

3.. Bij subsidieregeling kunnen andere termijnen worden vastgesteld of andere gegevens worden verlangd.