**1..** De gemeentelijke bijstandsnorm voor de alleenstaande ouder wordt verlaagd met de helft van de toeslag genoemd in artikel 25, lid 2 van de wet indien:
het hoofdverblijf van de alleenstaande ouder tevens het hoofdverblijf is van zijn of haar ouders;
het hoofdverblijf van de alleenstaande ouder tevens het hoofdverblijf is van één of meer kinderen van wie het inkomen gelijk is aan of hoger is dan het wettelijk minimumloon van een negentienjarige;
het hoofdverblijf van de alleenstaande ouder tevens het hoofdverblijf is van één ander, niet zijnde kind en niet zijnde ouder, tenzij deze ander geïndiceerd verzorgingsbehoeftig is.
**2..** De gemeentelijke bijstandsnorm voor de alleenstaande ouder wordt verlaagd met de toeslag genoemd in artikel 25, lid 2 van de wet indien:
het hoofdverblijf van de alleenstaande ouder tevens het hoofdverblijf is van meer dan één ander, niet zijnde kind en niet zijnde ouder, tenzij al deze anderen geïndiceerd verzorgingsbehoeftig zijn;
de woning van de alleenstaande ouder tevens het hoofdverblijf is van één of meer kinderen van wie het inkomen gelijk is aan of hoger is dan het wettelijk minimumloon van een negentienjarige en één of meer anderen, niet zijnde kind en niet zijnde ouder;
de woning van de alleenstaande ouder tevens het hoofdverblijf is van één of meer van zijn of haar ouders en van één of meer anderen, niet zijnde kind;
de woning van de alleenstaande ouder tevens het hoofdverblijf is van één of meer van zijn of haar ouders en van één of meer kinderen van wie het inkomen gelijk is aan of hoger is dan het wettelijk minimumloon van een negentienjarige;
de alleenstaande ouder geen woning bewoont of voor de woning die het hoofdverblijf is geen woonkosten verschuldigd is of de woonkosten door een al dan niet inwonende derde worden betaald.
Artikel 4.
Criteria voor het verlagen van de gemeentelijke bijstandsnorm voor alleenstaande ouders
Onderdeel van Verordening toeslagen op en verlagingen van de bijstandsnorm Dronten