Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 2

Artikel 6

De periode waarover een tegemoetkoming verstrekt kan worden

Onderdeel van Beleidsregel gemeentelijke tegemoetkoming in de kosten kinderopvang

1.. De tegemoetkoming wordt verleend met ingang van de datum waarop de noodzaak tot het gebruiken van kinderopvang is ontstaan, indien de aanvraag voor de tegemoetkoming op grond van het KOA-kopje binnen 8 weken na ontvangst van de beschikking van de belastingdienst is ingediend bij de gemeente Zandvoort. Bij een latere aanvraag kan de vergoeding niet eerder ingaan dan de datum van ontvangst van de aanvraag door de gemeente. 2.. De tegemoetkoming kan, met inachtneming van het eerste lid, niet eerder worden verleend dan de ingangsdatum waarop de overeenkomst tot het gebruiken van kinderopvang ten behoeve van het betreffende kind is ingegaan. 3.. De tegemoetkoming kan voorts, met inachtneming van het eerste en tweede lid, niet eerder worden verleend dan de ingangsdatum genoemd in artikel 1.3 lid 2 onder b van de Wkkp. 4.. De periode loopt af wanneer de ouders niet langer behoren tot de doelgroep zoals genoemd in artikel 4 en 5 van deze beleidsregels dan wel tot drie maanden nadat de arbeid is beëindigd, conform artikel 1.6 lid 5 van de Wkkp.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel