De Awb regelt in de artikelen 4:37 en 4:38 de standaardverplichtingen respectievelijk overige doelgebonden verplichtingen.
De standaardverplichtingen zijn in de wet niet limitatief opgesomd; de overige doelgebonden verplichtingen worden ofwel bij of krachtens wettelijk voorschrift opgelegd ofwel -als geen sprake is van een subsidie die op een wettelijk voorschrift berust- bij de subsidieverlening.
Artikel 10 bevat in aanvulling op de bepalingen van de Awb een aantal verplichtingen waaraan iedere subsidieontvanger, voor zover op hem van toepassing, moet voldoen.
In bijzondere subsidieverordeningen en bij het verlenen van de subsidie kunnen nog aanvullende verplichtingen worden opgenomen, die verband houden met het doel van de subsidie.
De subsidieontvanger is verplicht zo spoedig mogelijk (zonder nodeloos tijdsverloop) te melden bij de gemeente dat de gesubsidieerde activiteit niet, niet tijdig, niet geheel of niet volgens alle daaraan verbonden verplichtingen zal worden verricht. In dat geval zal de subsidie lager of op nihil worden vastgesteld of zullen nadere afspraken worden gemaakt over het aanpassen van de verplichtingen, bijvoorbeeld het geven van meer tijd voor de uitvoering van de activiteiten. Bij het niet voldoen aan deze meldingsplicht kan, indien dat achteraf mocht blijken, met toepassing van artikel 4:49 Awb alsnog de subsidievaststelling worden ingetrokken, omdat de ontvanger wist en behoorde te weten dat de vaststelling onjuist was.
Terugvordering van de subsidie, inclusief wettelijke rente over het hele subsidiebedrag, kan in zo'n geval proportioneel worden geacht, omdat de ontvanger dan misbruik maakte van het vertrouwen dat hem gegeven is.
Bij middelgrote en grote subsidies komt het af en toe voor dat de subsidieverstrekker tussentijds op de hoogte wil blijven van de ontwikkeling van de activiteiten en de financiën. Omdat het opleggen van de verplichting tot het indienen van een tussentijdse rapportage als een relatief zware verplichting kan worden beschouwd, waarvoor de subsidieontvanger het nodige werk moet verrichten, is deze bepaling aan de verordening toegevoegd.
Het derde lid geeft aan dat de verantwoording over de besteding van verstrekte subsidiegelden is te vinden in een openbaar register.
Daarin wordt opgenomen, behalve de verantwoording waartoe middelgrote en grote subsidieontvangers zijn verplicht op grond van de Algemene wet bestuursrecht en deze verordening, ook de schriftelijk verantwoording waartoe kleine subsidieontvangers kunnen worden verplicht.
Of dit laatste het geval is zal doorgaans blijken uit de verplichtingen die aan de subsidiebeschikking zijn verbonden (zie ook de toelichting bij artikel 13).
Hoofdstuk › Paragraaf
Artikel 10
Algemene verplichtingen
Onderdeel van Algemene Subsidieverordening Amsterdam 2013