Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2.

Artikel 2:1

Artikel 2:1

Onderdeel van Sociaal Statuut gemeente Steenbergen 2016

In dit Sociaal Statuut wordt verstaan onder: a)ambtenaar de ambtenaar zoals bedoeld in artikel 1:1, lid 1, onder a, van de CAR/UWO; b)CAR/UWO de CAR/UWO-regeling van de gemeente Steenbergen; c)GO de commissie voor Georganiseerd Overleg van de gemeente Steenbergen zoals bedoeld in artikel 12:1 van de CAR/UWO; d)OR de ondernemingsraad van de gemeente Steenbergen; e)werkgever het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Steenbergen; f)gemeentelijke organisatie de ambtelijke organisatie van werkgever; g)functie het samenstel van taken en/of werkzaamheden waarmee de ambtenaar is belast blijkende uit het generieke functieprofiel, de competenties, resultaat- c.q. aandachtsgebieden en taken (zoals o.a. vastgelegd in de jaargesprekken); h)uitwisselbare functies functies die bij toepassing van het afspiegelingsbeginsel naar aard, inhoud, vereiste kennis en vaardigheden en vereiste competenties vergelijkbaar zijn en naar niveau en beloning gelijkwaardig zijn; i)gewijzigde functie een functie die qua samenstel van taken en werkzaamheden voor meer dan 40% gewijzigd is ten opzichte van de functie zoals die vóór de organisatiewijziging vervuld werd; j)nieuwe functie een functie die vóór de organisatiewijziging niet voorkwam in de gemeentelijke organisatie; k)passendefunctie een gewijzigde c.q. nieuwe functie die de ambtenaar gezien zijn opleiding, kennis, ervaring, vaardigheden, ontwikkelingsmogelijkheden en bestaande vooruitzichten afgezet tegen de functie-eisen en persoonlijke omstandigheden redelijkerwijs kan worden opgedragen. Een passende functie is doorgaans van hetzelfde functieniveau als de oude functie, maar kan ook van een hoger niveau of maximaal één niveau lager zijn dan de functie die de ambtenaar vóór de organisatiewijziging vervulde; l)geschikte functie een functie, die niet valt onder het begrip “passend” maar die de ambtenaar bereid is te vervullen en waarvoor hij in potentie de capaciteiten bezit of bereid is zich deze eigen te maken; m)organisatieverandering een wijziging of inkrimping van de werkzaamheden van de gemeente (of een onderdeel daarvan) en/of een wijziging van de organisatiestructuur van de gemeente (of onderdelen daarvan), welke personele gevolgen met zich meebrengen; n)ingrijpende organisatiewijziging een op basis van artikel 3:1 van het sociaal statuut bepaalde belangrijke inkrimping of wijziging van de werkzaamheden van de gemeente (of een onderdeel daarvan) of een belangrijke wijziging van de laatst vastgestelde organisatiestructuur van de gemeente (of een onderdeel daarvan), die niet van tijdelijke aard is en die formatieve en personele gevolgen met zich meebrengt; o)personele gevolgen gevolgen voor de functie of de rechtspositie van de betrokken ambtenaren anders dan organische c.q. algemeen gangbare taakverschuivingen binnen een aanstelling in algemene dienst waarbij het functieniveau nagegoeg gelijk blijft of hoger wordt; p)privatisering organisatiewijziging die het gevolg is van de verzelfstandiging van een deel van de organisatie tot een nieuwe (privaatrechtelijke) rechtspersoon of de overdracht van een deel van de organisatie aan een derde (privaatrechtelijke) partij; q)publiekrechtelijke taakoverheveling organisatiewijziging die het gevolg is van de overheveling van een deel van de organisatie naar een ander publiekrechtelijk orgaan waaraan personele gevolgen zijn verbonden; r)sociaalplan nadere afspraken per organisatiewijziging, gebaseerd op en aanvullend op dit sociaal statuut, met betrekking tot de personele gevolgen van een organisatiewijziging; s)belangstellingsregistratie het onderzoeken en vastleggen van door ambtenaren op gestandaardiseerde wijze kenbaar gemaakte voorkeuren voor het vervullen van functies in de nieuwe organisatie; t) afspiegelingsbeginsel Methode om de (her)plaatsingsvolgorde te bepalen conform het bepaalde in artikel 4:2 van het “Ontslagbesluit” juncto hoofdstuk 10 Afspiegelingsbeginsel van de “Beleidsregels Ontslagtaak UWV”. Samengevat komt het er op neer dat het personeel per categorie ongewijzigde functies, met inbegrip van uitwisselbare functies, in leeftijdsgroepen wordt ingedeeld waarna het personeelsbestand zo wordt ingekrompen dat de leeftijdsopbouw binnen de categorie ongewijzigde functies en uitwisselbare functies voor en na de organisatieverandering verhoudingsgewijs zoveel mogelijk gelijk blijft. Ambtenaren worden per categorie uitwisselbare functies ingedeeld in vijf leeftijdsgroepen, te weten van 15 tot 25 jaar, van 25 tot 35 jaar, van 35 tot 45 jaar, van 45 tot 55 jaar en van 55 jaar en ouder. Binnen een leeftijdsgroep komt de ambtenaar met de hoogste anciënniteit als eerste voor plaatsing in aanmerking; u)organisatorische bereik door of namens de werkgever wordt vastgesteld op welk gedeelte van de gemeentelijke organisatie de reorganisatie betrekking heeft. Dit is van belang voor het bepalen van de groep ambtenaren die te maken heeft met de personele gevolgen van de reorganisatie en bijgevolg voor de werkingssfeer van het sociaal statuut; v)Ontslagbesluit (UWV) Het Ontslagbesluit is een onderdeel van het private arbeidsrecht dat de regels bevat voor de wijze waarop het UWV zijn in het Buitengewoon Besluit Arbeidsverhoudingen (BBA) geregelde bevoegdheid uitoefent met betrekking tot het geven van toestemming voor ontslag. Ten aanzien van dit sociaal statuut gaat het om een analoge toepasing van het afspiegelings- en anciënniteitsbeginsel; w)boventallig de situatie dat een ambtenaar wegens reorganisatie zijn functie heeft verloren en niet geplaatst c.q. herplaatst kan worden in de formatie na de reorganisatie; x)VWNW-traject het Van werk naar werk-traject zoals omschreven in hoofdstuk 10:d, paragraaf 5, CAR/UWO, waarbij zowel de werkgever als de boventallig verklaarde ambtenaar zich actief inspannen om geplaatst te worden op een passende of geschikte functie, of om een functie buiten de organisatie van werkgever te aanvaarden; y)VWNW-kandidaat: de ambtenaar die boventallig is verklaard en recht heeft op het VWNW-traject zoals omschreven in hoofdstuk 10:d, paragraaf 5, CAR/UWO; z)salaris maandbedrag dat binnen de salarisschaal aan de ambtenaar is toegekend, naar evenredigheid van diens formele arbeidsduur; aa)salaristoelagen de functioneringstoelage, de waarnemingstoelage, de toelage onregelmatige dienst, de toelage beschikbaarheidsdienst, de inconveniëntentoelage, de arbeidsmarkttoelage, de garantietoelage en de afbouwtoelage als bedoeld in paragraaf 3 van hoofdstuk 3 CAR/UWO; bb)salarisperspectief de opeenvolgende salarisperiodieken tot en met het hoogste bedrag van de functieschaal van de ambtenaar en eventueel schriftelijk vastgelegde extra individuele salarisafspraken; cc)anciënniteit het aantal jaren dat de ambtenaar in dienst van de werkgever en/of diens rechtsvoorgangers is geweest; dd)functiegebonden toelage een salaristoelage welke verband houdt met, dan wel direct voortvloeit uit de aard van de door de ambtenaar te verrichten werkzaamheden, te weten de arbeidsmarkttoelage, de waarnemingstoelage, de toelage onregelmatige dienst, de toelage beschikbaarheidsdienst, de inconveniëntentoelage; ee)persoonsgebondentoelage een persoonsafhankelijk toegekende salaristoelage die geen functiegebonden toelage en geen onkostenvergoeding is, te weten de functioneringstoelage, garantietoelage en afbouwtoelage; ff)flankerendbeleid beleid gericht op het maken van maatwerkafspraken met de individuele ambtenaar waarbij er naar gestreefd wordt om de personele gevolgen van de organisatiewijziging zoveel mogelijk op te vangen via in-, door- en uitstroombevorderende maatregelen en het bieden van faciliteiten ter compensatie van nadelige financiële consequenties.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel