Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4.

Artikel 4.3.

Primaat van verhuizing en recht op woonvoorzieningen

Onderdeel van Verordening maatschappelijke ondersteuning Diemen 2009

1.. Een persoon met beperkingen kan voor een voorziening als genoemd in artikel 4.1 onderdeel a in aanmerking worden gebracht indien hij als gevolg van aantoonbare beperkingen op grond van ziekte of gebrek, inclusief chronisch psychische en psychosociale problemen, beperkingen ondervindt bij het voeren van een huishouden en/of het normale gebruik van de woning. 2.. Een persoon met beperkingen kan voor een voorziening als genoemd in artikel 4.1 onderdeel b en c in aanmerking worden gebracht indien: hij als gevolg van aantoonbare beperkingen op grond van ziekte of gebrek, inclusief chronisch psychische en psychosociale problemen, beperkingen ondervindt bij het voeren van een huishouden en/of het normale gebruik van de woning; en de voorziening als genoemd in artikel 4.1 onderdeel a niet mogelijk is of niet de goedkoopst adequate voorziening is. 3.. Een persoon met beperkingen kan voor een voorziening als genoemd in artikel 4.1 onderdeel g in aanmerking worden gebracht indien: sprake is van een op basis van aantoonbare beperkingen op grond van ziekte of gebrek, inclusief chronisch psychische of psychosociale problemen, aanwezige gedragsstoornis met ernstig ontremd gedrag en waarbij alleen het zich kunnen afzonderen kan leiden tot een situatie waarin deze persoon tot rust kan komen; en de voorziening als genoemd in artikel 4.1 onderdeel a. niet mogelijk is of niet de goedkoopst adequate voorziening is. 4.. Het college kan in het Besluit bepalen in welke situaties het primaat van verhuizing als bedoeld in lid 2 en 3 niet wordt toegepast.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel