**1..** Het is verboden gedurende de tijden waarop het parkeren op een
vergunninghoudersparkeerplaats, een autodateplaats of oplaadpunt
elektrisch rijden slechts aan vergunninghouders is toegestaan aldaar
een motorvoertuig of brommobiel te parkeren of geparkeerd te
houden:
zonder vergunning;
zonder dat het motorvoertuig of brommobiel duidelijk
zichtbaar is voorzien van de vergunning achter de voorruit
van het motorvoertuig/brommobiel dan wel bij gebreke van een
voorruit op een anderszins zichtbare plaats;
in strijd met de aan de vergunning verbonden
voorschriften.
**2..** Het in het eerste lid gestelde verbod geldt niet voor:
een eigenaar of houder van een motorvoertuig/brommobiel die
in het bezit is van een geldige en leesbare
gehandicaptenparkeerkaart (GPK) en deze op een zichtbare
plaats achter de voorruit van het voertuig heeft aangebracht
voor zover deze eigenaar/houder het motorvoertuig/brommobiel
heeft geparkeerd op een vergunninghoudersparkeerplaats;
vergunninghoudersparkeerplaatsen in zone E, indien de
eigenaar of houder van een motorvoertuig/brommobiel
overeenkomstig het Besluit Parkeerschijf van 15 december
1997 (Staatscourant 245/1997) heeft voorzien van een
duidelijk zichtbare parkeerschijf, waarop het tijdstip staat
aangegeven waarop met parkeren is begonnen en waarbij de
toegestane parkeerduur van maximaal 1 uur niet is
verstreken.
**3..** Het is verboden om de vergunning al dan niet tegen betaling
oneigenlijk te (laten) gebruiken, te (foto)kopiëren, na te tekenen
dan wel op enige andere wijze te (laten) reproduceren of om
eigenmachtig wijzigingen op de vergunning aan te brengen.
**4..** Het college kan ontheffing verlenen van het bepaalde in het eerste
lid van dit artikel.