**1..** Burgemeester en wethouders kunnen nadere voorschriften als bedoeld in artikel 7 en 10, al dan niet voor een bepaalde termijn, opleggen.
**2..** Burgemeester en wethouders kunnen, spoedeisende gevallen uitgezonderd, nadere voorschriften niet opleggen dan nadat degene aan wie deze voorschriften zullen worden opgelegd en de waterbeheerder in de gelegenheid zijn gesteld binnen vier weken hun oordeel hierover kenbaar te maken.
HOOFDSTUK V,
Artikel 11.
Bepalingen betreffende nadere voorschriften.
Onderdeel van Lozingsverordening 1993